NEW YORK - De beleggers op Wall Street zijn dinsdag in mineurstemming teruggekomen van hun lange weekend. De koersenborden kleurden de hele dag rood, vooral door zorgen over het Europese bankensysteem.

Handelaren grepen de gelegenheid aan om een deel van hun koerswinsten van vorige week te verzilveren.

De toonaangevende Dow-Jonesindex sloot met een verlies van 1 procent op 10.340,69 punten. De breder samengestelde S&P 500-index verloor 1,2 procent tot 1091,84 punten. De door technologiefondsen gedomineerde Nasdaq daalde 1,1 procent tot 2208,89 punten. Maandag waren de effectenbeurzen in New York gesloten wegens de viering van Labor Day.

Stresstesten

Zakenkrant The Wall Street Journal schreef dat Europese banken bij de publicatie van de stresstesten deze zomer geen volledige openheid hebben gegeven over hun beleggingen. De posities in schulden van problematische eurolanden zouden niet volledig zijn weergegeven. Verder kwamen uit Duitsland berichten over de onbedoelde gevolgen van striktere kapitaaleisen. Hierdoor zouden banken veel extra kapitaal nodig hebben.

''De gezondheid van banken komt iedere keer weer naar boven. Ik weet niet hoe groot de zorgen bij beleggers nu zijn, maar ze gebruiken de bankenkwestie in ieder geval als een excuus om wat winsten te verzilveren'', aldus een Amerikaanse handelaar.

McDonald's

Bank of America, Citigroup en JPMorgan Chase verloren 2 tot 2,3 procent. Creditcardmaatschappij American Express was de grootste daler in de Dow met een verlies van ruim 4 procent. Hamburgerketen McDonald's was een van de weinige stijgers met een winst van 1 procent.

Bij de technologiefondsen maakte Oracle, het op twee na grootste softwareconcern ter wereld, een sprong van 5,9 procent. Beleggers reageerden verheugd op de aankondiging dat Mark Hurd, de voormalig topman van HP, is benoemd als president.

Impuls

Wall Street kende vorige week de beste week in twee maanden tijd. De beurshandel kreeg vooral een impuls van meevallende cijfers over de Amerikaanse economie, waaronder cijfers over de werkgelegenheid.

Op de valutamarkt noteerde de euro op 1,2695 dollar, vergeleken met 1,2720 dollar bij het sluiten van de Europese beurzen.