NEW YORK - Tegenstrijdige signalen over de economie in de Verenigde Staten bepaalden vrijdag de gang van zaken op Wall Street.

De handel maakte een voortvarende start, maar zakte snel weer in. De belangrijkste graadmeters schommelden voortdurend rond de slotstanden van donderdag.

De Dow-Jonesindex van dertig hoofdfondsen eindigde uiteindelijk 0,1 procent hoger op 10.624,69 punten.

Graadmeter

De breder samengestelde S&P 500-index noteerde aan het slot een kwart punt lager op 1149,99 punten. De schermenbeurs Nasdaq, die geldt als graadmeter van de technologiesector, sloot eveneens een fractie lager op een stand van 2367,66 punten (min 0,80 punt).

In het prille begin van de handel overheerste optimisme op de beursvloer. De oorzaak hiervan was een aangename verrassing in de vorm van een gunstig macrocijfer.

Het barre winterweer vorige maand in de VS had de consument er niet van weerhouden te winkelen, bleek uit cijfers die het Amerikaanse ministerie van Handel voorbeurs uitbracht.

Vertrouwen

De detailhandel boekte in februari ten opzichte van de voorgaande maand een 0,3 procent hogere omzet, waar analisten juist hadden gerekend op een daling van 0,2 procent. Maar na een half uur handel kwam de domper.

De universiteit van Michigan rapporteerde dat het vertrouwen van de consument in maart was afgenomen. Ook dat hadden analisten niet verwacht. Die rekenden erop dat het consumentenvertrouwen op hetzelfde niveau zou uitkomen als in februari.

Het gevolg was dat de animo om in aandelen te stappen goeddeels verdween, maar niet in die mate dat dramatische koersverliezen werden geleden. Kopers en verkopers zo goed als in evenwicht.

Caterpillar

De Dow-Jonesindex kreeg steun van industriële giganten als General Electric en Caterpillar, die respectievelijk 3,4 procent en 2,5 procent hoger sloten. Ook het financiële concern American Express bevond zich in de bovenste regionen, evenals hamburgerketen McDonald's.

Onderaan de lijst bungelde Pfizer met een koersverlies van 1,2 procent. Het farmacieconcern behoorde donderdag nog tot de winnende fondsen.

De euro noteerde 1,3760 dollar, tegen 1,3765 dollar bij het einde van de handel in Europa.