NEW YORK - Op Wall Street moesten de aandelen vrijdag een veer laten. Weer sloeg bij beleggers twijfel toe over het tempo waarin de Amerikaanse economie zich zal herstellen.

De oorzaak lag dit keer bij de Universiteit van Michigan, die meldde dat het vertrouwen van de Amerikaanse consument is gedaald.

Vertrouwen
Analisten hadden gerekend op een stijging van de zogeheten vertrouwensindex. Het gevolg was dat de olieprijzen en de aandelenkoersen omlaag gingen.

De Dow-Jonesindex sloot 75,76 punten ofwel 0,8 procent lager op 9321,40 punten. De S&P 500-index ging met 8,64 punten ofwel 0,9 procent terug naar 1004,10 punten. De Nasdaq-index verloor 1,2 procent (23,83 punten) en sloot op 1985,52 punten.

Herstel
''Beleggers vragen zich af hoe lang een herstel van de economie op zich laat wachten, als de consument het laat afweten'', zei een beurshandelaar.

Voor de aandeelhouders van Boeing was het verlies extra groot. Vrijdag werd duidelijk dat de vliegtuigfabriek blijft tobben met de Dreamliner, het nieuwe vlaggenschip dat alsmaar niet van de grond komt. Het aandeel Boeing verloor bijna 4 procent.

Verkoop
Het nieuws over de vertrouwensindex van de consumenten kwam daags na teleurstellende cijfers over de verkopen in de winkels. Beleggers zien de consument als de motor van de Amerikaanse economie, omdat de bestedingen van de huishoudens zo'n zeventig procent van de economie bepalen.

Maar de consument lijkt een groei nog niet op gang te brengen. Er zijn tekenen van economisch herstel, maar de Amerikaan voelt er weinig voor het geld te laten rollen bij toenemende werkloosheid, die de hoogte van de lonen onder druk zet.

De beleggers waren vrijdag dan ook meer onder de indruk van het negatieve consumentennieuws dan van de bekendmaking dat de Amerikaanse fabrieken in juli iets meer hebben geproduceerd dan in de maand ervoor. Die stijging van een half procent was meer dan analisten hadden verwacht.

Barometer
De Dow sloot vorige week vrijdag op 9370 punten, na vier weken met koersstijgingen. De beursbarometer in New York is deze week met een half procent gedaald ten opzichte van het slot van vorige week vrijdag.

De euro noteerde 1,4188 dollar, tegenover 1,4215 dollar bij het sluiten van de beurzen in Europa.