De buitendienst van de gemeente Woensdrecht gaat in 2016 volledig op de schop.

Waar nu nog gewerkt wordt met één grote onderhoudsploeg voor de hele gemeente, komen er straks vijf dorpenteams die ieder het onderhoud aan de openbare ruimte van één kern voor hun rekeningen nemen.

Daarbij komen per dorp ook vaste aanspreekpunten, die de teams zullen aansturen. Wethouder Jeffrey van Agtmaal verwacht dat er zo niet alleen efficiënter gewerkt kan worden, maar dat er ook meer ruimte is om maatwerk te leveren.

Hoewel de reorganisatie van de buitendienst niet is ingegeven door nieuwe bezuiniging, liggen de opeenstapeling van kortingen op het onderhoudsbudget wel degelijk ten grondslag aan de nieuwe organisatie. "We moesten wel iets doen", Van Agtmaal.

Rapport

Hij verwijst naar het rapport van IPR Normag, dat de huidige buitendienst helemaal doorlichtte. Daaruit blijkt dat sinds de bezuinigingen vanaf 2011 het aantal medewerkers is gedaald van 24 fte naar 14 fte.

Het rapport spreekt daarom van een "sterfhuisconstructie" en kwalificeert de huidige buitendienst als "traditioneel verouderend". Vanwege de vele bezuinigingen en het grote verloop is ook de motivatie bij het personeel tanende en wordt er niet altijd efficiënt gewerkt.

Motivatie

Met de omvorming van de buitendienst tot wijkteams hoopt Van Agtmaal de motivatie en efficiëntie weer terug te brengen onder het personeel. 

"Nu is er één grote onderhoudsploeg, die in korte tijd een heel dorp aan pakt en daarna weer verder gaat naar de volgende kern. Er is weinig binding met het werk. Bovendien ligt de eindverantwoordelijkheid ook niet bij de gemeente, maar bij de WVS of aannemer. Sommige zaken worden daardoor te makkelijk afgeschoven", merkt hij.

In de nieuwe buitendienst ligt de verantwoordelijkheid weer volledig bij de gemeente en krijgen de medewerkers én de inwoners vaste aanspreekpunten voor het onderhoud in de openbare ruimte.

"Voor de medewerkers betekent dat zij iedere dag in hetzelfde dorp aan de slag moeten en het dorp dus ook beter leren kennen. Anderzijds zullen de inwoners van de kernen hen ook beter leren kennen, waardoor de medewerkers net dat stapje extra zullen zetten voor het dorp", verwacht de wethouder.

Lees verder op Weekblad de Bode