Hoewel menig automobilist ertegen op zal zien en het bij een lekke band langs de snelweg vanwege de onveilige situatie sterk af te raden is, is zelf een band wisselen eigenlijk helemaal niet zo moeilijk. Met deze tips van AutoWeek kom je een heel eind, en je bespaart er nog geld mee ook.

Wie op winterbanden rijdt, heeft er twee keer per jaar mee te maken: het wisselen van de wielen. Dat is nog best een prijzige grap, het garagebedrijf of de bandenhandel rekent er al gauw een paar tientjes voor. Wie enigszins handig is, kan zelf de banden wisselen en zo het geld in zijn zak houden. Toegegeven, het gaat hier wel om het wisselen van het complete wiel inclusief band. Alleen de band vervangen is een ander en veel lastiger verhaal.

Zoals bij elke klus is een goede voorbereiding belangrijk. Kies allereerst een goede plek waar je de bandenwissel kunt uitvoeren. Dat is bij voorkeur een plek die niet direct naast de straat ligt en met een egale ondergrond, bij voorkeur beton of asfalt. Plan vervolgens genoeg tijd in voor de bandenwissel: haast kan gevaarlijke situaties opleveren. Volg bij het verwisselen de aanwijzingen in het instructieboekje. Hierin staat ook met welk 'koppel' je de bouten moet vastdraaien of waar je de krik moet plaatsen.

Stalen of lichtmetalen wielen

Als je van stalen wielen overstapt naar lichtmetalen wielen, moet je de lengte van de bouten in de gaten houden. Bij lichtmetalen wielen zijn die vaak langer. Als je hier de bouten van de stalen wielen in draait, draaien die slechts vast in een deel van de wielnaaf, met alle risico's van dien.

Maak na het wisselen een wat langere proefrit die ook een stukje provinciale weg omvat. Als er vibraties optreden in het stuur of bij het remmen, is het absoluut zaak om alsnog naar de garage of het bandencentrum te gaan. Vaak zijn dat soort trillingen namelijk het gevolg van balanceergewichten die van een wiel zijn gevallen, maar ze kunnen ook andere oorzaken hebben. Dus is het zaak om de wielen te laten checken op de uitlijnmachine. Belangrijk: controleer ook altijd na 50 kilometer rijden of de bouten nog vastzitten met een draaimomentsleutel. Veiligheid voor alles.

Zo vervang je de wielen

1. Gereedschap

Ga je zelf banden wisselen, dan heb je een kruissleutel, een krik en een draaimomentsleutel nodig.

2. Parkeerrem

Zet de auto op de handrem om te voorkomen dat hij wegrolt. Een auto met automaat zet je in de parkeerstand. Zoals gezegd, de ondergrond moet egaal en stevig zijn.

3. Bouten

Zijn de bouten te stevig vastgedraaid of zijn ze lange tijd niet losgedraaid, geef er dan een stevige trap tegen. Dat helpt vaak (als enige).

4. Krik

Bij veel auto's wordt een krik meegeleverd. Beschik je niet over de originele krik van de auto, dan kun je die in winkels met autoaccessoires of bij webshops kopen. Let er in ieder geval op om een stabiele ondergrond voor de krik te zoeken.

5. Wiel loshalen

Schroef de bouten volledig los. Let op, het wiel kan naar je toe vallen bij het loshalen.

6. Vastschroeven

Schroef de bouten eerst voor een deel vast met de kruissleutel en vervolgens met het voorgeschreven koppel met een draaimomentsleutel.

Hier moet je op letten bij zelf banden wisselen

Als het wiel er toch af is, kun je meteen ook een aantal andere punten van je auto eenvoudig nakijken en eventueel schoonmaken of verbeteren. Soms is het handig om (toch) een bezoek aan de garage in te plannen, als er meer moet worden vervangen of aangepast. Ga in elk geval nooit als ongeoefende automonteur zomaar onder je auto kruipen. Dat is vooral gevaarlijk als hij op een krik staat, want hij zou daarvan af kunnen glijden.

1. Bandencontrole

Bij het gedemonteerde wiel kun je de flanken aan de binnenzijde en het loopvlak goed controleren op eventuele beschadigingen. Een scheurtje zou later wel eens de oorzaak kunnen worden van een klapband.

2. Profiel

Een verhoging in de groeven geeft de wettelijk voorgeschreven minimale profieldiepte van 1,6 millimeter weer. Bij zomerbanden adviseert AutoWeek je voor je eigen veiligheid een minimale diepte van 3 millimeter te hanteren. Is een band (een heel eind) versleten, dan kun je die beter ook nu vervangen.

3. De leeftijd van de band

Op de band staat een indicatie van de productieweek. Na uiterlijk acht tot tien jaar is het zaak om de banden te laten vervangen. Is de band ouder dan zes jaar, laat hem dan door de garage of bandenspecialist controleren.

4. Wielophanging

Controleer meteen ook andere belangrijke onderdelen van je auto, nu het wiel er toch af is. Zit de remleiding in de houder? Is de schokdemper uitgedroogd?

5. Remblokken

Kijk of de remblokken nog goed zijn. Als vuistregel voor het vervangen geldt een dikte van 3 millimeter.

6. Wielnaaf

Het wiel moet strak tegen de wielnaaf zitten, anders krijg je een onbalans. Maak het oppervlak vrij van vuil en roestaanslag. Dat kun je met een staalborstel doen.