Het Tsjechische merk SKODA maakt in Nederland momenteel goede sier met de volledig elektrische Enyaq iV, die in mei en juni goed was voor plaats twee in de verkooplijst. Mede daardoor is SKODA gemeten over de eerste zes maanden van dit jaar de top vijf binnengedrongen van bestverkopende merken in ons land. AutoWeek sprak onlangs CEO Thomas Schäfer over de overstap naar elektrisch rijden.

Zo ver als concurrenten Ford, Opel en Fiat, die al hebben aangegeven nog voor het einde van dit decennium alleen nog maar volledig elektrische auto's aan te bieden in Europa, wil SKODA nog niet gaan. Wel is duidelijk dat ook de Volkswagen Group waartoe het merk behoort op termijn afscheid zal nemen van verbrandingsmotoren, te beginnen in 2033. Dat de auto-industrie in beweging is, is ook Schäfer niet ontgaan.

"Ik ben ervan overtuigd dat de meest kritische fase de tijd tussen nu en het eind van dit decennium zal zijn. Je moet gigantisch investeren in nieuwe technologie en fabrieken ombouwen naar productie van elektrische auto's."

Dat laatste is een tamelijk onbelicht aspect van de stap die autofabrikanten moeten maken, zeker als ze ondertussen nog 'gewoon' auto's met brandstofmotoren bouwen.

"Elektrische auto's zijn zwaarder. Alle hardware in de fabriek moet daarom worden aangepast, van trolleys tot transportrails en spuitcabines. De investeringen daarvoor zijn gigantisch. Bovendien draaien onze fabrieken op maximum capaciteit. Dan moet je goed nadenken wanneer je de nodige maatregelen neemt. Er blijft niet veel meer over dan Kerst en misschien Pasen waarop je de productieband even uit- en weer in- kunt schakelen", legt Schäfer uit.

'Oude techniek zo lang mogelijk winstgevend houden'

De grote investeringen die gevraagd worden, plaatst traditionele autofabrikanten voor een dilemma: wanneer stop je met de ontwikkeling van brandstofmotoren? Daar verdien je immers vooralsnog het geld mee. Schäfer ziet op dat vlak de steeds strenger wordende Europese uitstootnormen als drijvende factor.

"De markt voor brandstofauto's gaat kelderen en dat zal alleen maar harder gaan wanneer we overgaan naar de nieuwe uitstootnorm Euro VII. Daarmee nemen de kosten per auto toe, niet alleen omdat de investeringen met minder volume moeten worden terugverdiend, maar ook omdat Euro VII nog hogere eisen stelt aan emissies, wat weer hogere investeringen vergt", aldus de topman, die verwacht dat er daardoor relatief snel een moment zal komen dat een kleine benzineauto duurder is dan een middelgrote elektrische.

"Kortom, onze missie is om oude techniek zo lang mogelijk winstgevend maken en tegelijkertijd nieuwe techniek implementeren en de fabrieken om te bouwen".

Nieuwe merken hebben transformatie kosten vaak niet

Toch denkt Schäfer niet dat SKODA en andere gevestigde merken daardoor op achterstand raken bij elektrische nieuwkomers, die al deze 'problemen' niet hebben.

"Deze merken hebben het voordeel dat ze die transformatiekosten niet hebben. Maar zo'n frisse start is geen garantie voor een homerun. Kijk maar naar al die Chinese merken: ze hebben nog geen doorbraak in Europa weten te forceren. Logischerwijs mikken nieuwe merken veel meer op online verkoop. Maar ik ben ervan overtuigd dat, zeker in Europa, veel mensen nog steeds behoefte hebben aan persoonlijk contact bij de dealer in de buurt, met goede garantie en service."

Het hele interview stond in AutoWeek nummer 27.

Informatie over de volledig elektrische SKODA Enyaq iV lees je hier.