Batterijcellen voor de accupakketten van elektrische auto's komen nu nog voornamelijk uit Azië. Doordat de Europese auto-industrie de komende jaren veel meer elektrische auto's wil gaan produceren, dreigt een nog grotere afhankelijkheid van Aziatische toeleveranciers. Tal van nieuwe, grote accufabrieken moeten het probleem oplossen.

Elektrische auto's hebben de toekomst. Niet alleen omdat veel landen brandstofauto's gaan verbieden, maar ook doordat steeds meer fabrikanten zelf besluiten om in de nabije toekomst alleen nog maar elektrische auto's te bouwen. Om minder afhankelijk te zijn van Aziatische toeleveranciers wordt daarom in Europa de productiecapaciteit voor batterijen flink opgevoerd.

"China heeft verreweg de grootste operationele batterijproductiecapaciteit, ongeveer 2,5 keer zoveel als in Europa en zo'n 70 procent van de wereldwijde capaciteit", zegt Rico Luman, econoom bij het ING Economisch Bureau. "Europa en de rest van de wereld zijn nu voor levering van batterijen nog zeer afhankelijk van China."

Daar kleven om meerdere redenen risico's aan, stelt Luman. Hij wijst naar de huidige chiptekorten als angstbeeld. "Als er met de verwachte groei de komende jaren een krapte aan batterijen ontstaat en als partijen juist in die sterke groeifase dan ook nog eens extra voorraden gaan opbouwen, kan dit tot leveringsproblemen leiden."

Daarnaast zijn accupakketten dadelijk te belangrijk om afhankelijk te blijven van anderen. "Gezien de kritische rol van batterijen in de energietransitie en de vooruitgang in innovatie is het voor Europa ook van strategisch belang meer productie op het eigen continent te laten plaatsvinden", voegt Luman toe.

Europa doet er goed aan meer productie op het eigen continent te laten plaatsvinden.

Europa doet er goed aan meer productie op het eigen continent te laten plaatsvinden.
Europa doet er goed aan meer productie op het eigen continent te laten plaatsvinden.
Foto: Daimler

Veiligstellen van productiecapaciteit

Om die reden werken veel autofabrikanten met hun toeleveranciers aan het veiligstellen van productiecapaciteit voor zichzelf. Zo heeft het autoconcern Stellantis (Citroën, DS, Opel, Peugeot, Fiat, Jeep) samen met Saft Batteries, een dochteronderneming van energiereus Total, het bedrijf Automotive Cells Company (ACC) opgezet.

ACC zal twee fabrieken voor batterijen neerzetten: één in Frankrijk en één in Duitsland. Voor 2023 streeft ACC naar een productiecapaciteit van 16 GWh op jaarbasis, wat vervolgens opgeschroefd moet worden naar 64 GWh.

Het Volkswagen-concern heeft iets vergelijkbaars gedaan, maar dan met het Zweedse Northvolt. In 2021 moet er al voor 32 GWh aan capaciteit geïnstalleerd zijn, met een uitbreiding naar 40 GWh als volgende stap.

Een tweede fabriek moet in 2024 gereedkomen. Deze start met 16 GWh, om vervolgens te groeien naar 24 GWh per jaar. Voor het einde van het decennium wil Volkswagen zichzelf verzekerd hebben van 240 GWh op jaarbasis.

Eerste rijtest: Volkswagen ID.4
646
Eerste rijtest: Volkswagen ID.4

Groot aantal plannen concreet

In totaal is er in Europa voor bijna 850 GWh aan batterijcapaciteit gepland. Weliswaar nog niet alle plannen zijn in beton gegoten, maar toch zijn er al heel wat concrete projecten onderweg.

Ook de Chinese bedrijven BYD, CATL en SVOLT hebben plannen voor Europese fabrieken, al zijn de laatste twee daarin wat concreter. CATL, dat onder meer met Mercedes en Volkswagen samenwerkt, wil in 2023 in Duitsland de productie starten, SVOLT een jaar later.

Ook de bekende Zuid-Koreaanse bedrijven LG Energy Solution, Samsung en SK Innovation hebben grote plannen. LG is al enige tijd actief in Europa en levert onder meer batterijcellen voor Audi en Jaguar. In Polen moet de productiecapaciteit vergroot worden van 15 GWh tot 65 GWh. Samsung en SK, die onder meer met Volkswagen werken, willen naar respectievelijk 30 en 23,5 GWh per jaar.

Tesla heeft op zijn gloednieuwe fabrieksterrein net buiten Berlijn meer dan voldoende ruimte voor een eigen batterijenfabriek. Het Amerikaanse merk hoopt spoedig de eerste paal te slaan en in de komende jaren op te schalen naar 100 GWh op jaarbasis.

Tesla wil in Berlijn op termijn ook een batterijenfabriek (rechts bovenin) bouwen.

Tesla wil in Berlijn op termijn ook een batterijenfabriek (rechts bovenin) bouwen.
Tesla wil in Berlijn op termijn ook een batterijenfabriek (rechts bovenin) bouwen.
Foto: Tesla

'Elektrische auto's worden niet ineens goedkoper'

"Meer productie in Europa beperkt de leveringsafhankelijkheid voor fabrikanten en kan voor de consument in elk geval meer duidelijkheid over levertijden opleveren", zegt Luman over de voordelen van lokale productiecapaciteit.

Wel plaatst hij een belangrijke kanttekening. "Onzekerheid verdwijnt niet helemaal, omdat Europa voor grondstoffen van batterijen afhankelijk blijft van levering uit andere delen van de wereld."

Overigens ligt lithium, een van de belangrijkste grondstoffen, mogelijk bijna letterlijk op de stoep. In het zuidwesten van Duitsland zou genoeg lithium in de grond zitten voor 400 miljoen elektrische auto's. De grondstof komt nu nog veelal uit Zuid-Amerika of Australië. De Duitse lithium kan uit het hete ondergrondse pekelwater gewonnen worden waar aardwarmtecentrales mee werken. Een aantal bedrijven onderzoekt momenteel of dit rendabel is.

Verder hoeft de consument nog niet direct te rekenen op flink goedkopere elektrische auto's zodra er in Europa meer productiecapaciteit voor batterijen is. Daarvoor zijn de prijzen van accupakketten, ondanks dat deze geleidelijk lager worden, nog altijd te fors.

Luman: "Omdat het gaat om een wereldmarkt, denk ik niet dat de prijzen van elektrische auto's specifiek door uitbreiding in Europa veel zullen dalen. De transportkosten van batterijpakketten zijn lager, maar die zijn als aandeel van de inkoopwaarde beperkt."