Oudere Formule 1-liefhebbers of fans van de vroege Michel Vaillant-stripboeken zullen de naam ongetwijfeld herkennen: Vanwall. De eerste wereldkampioen bij de constructeurs in de geschiedenis van de sport keert terug met zes zogeheten continuation-modellen op basis van de kampioensauto uit 1958.

De zes Formule 1-auto's worden gebouwd op basis van de oorspronkelijke blauwdrukken en tekeningen door restauratiespecialist Hall and Hall in het Britse Lincolnshire. Ook de krachtbron is een nieuw opgebouwde versie van de oorspronkelijke 2,5-liter viercilinder benzinemotor. In het continuation-model is het blok goed voor 274 pk.

Het is de bedoeling dat de Vanwalls worden gebouwd als raceauto's. Het zesde en laatste exemplaar zal dan ook niet worden verkocht, maar gaan rijden in historische Grand Prix onder de vlag van het Vanwall Historic Racing Team. Liefhebbers kunnen zich melden met een goed gevulde portemonnee: de auto gaat minimaal 1,65 miljoen pond (ruim 1,8 miljoen euro) kosten, exclusief belastingen.

Dezelfde krachtbron als 62 jaar geleden. (Foto: Vanwall)

Deelname aan Formule 1 kort maar krachtig

Vanwall deed voor het eerst mee aan de Formule 1 in 1954. Twee jaar later boekte het team zijn eerste overwinning, al was dat tijdens een race die niet meetelde voor het kampioenschap. De auto van dat jaar was mede ontworpen door de legendarische Colin Chapman, oprichter van Lotus en de man verantwoordelijk voor de zeven constructeurstitels die Team Lotus tussen 1962 en 1978 zou binnenhalen.

In 1958 won Vanwall zoals gezegd de eerste wereldtitel bij de constructeurs. Dat jaar won het op een haar na de dubbel, ware het niet dat de legendarische coureur Stirling Moss één punt op de titel tekortkwam. Hoewel Vanwall slechts 28 keer aan de start van een officiële Grand Prix verscheen, heeft het op Brawn GP en Mercedes na nog altijd het hoogste winstpercentage uit de geschiedenis van de sport. Vanwall won in totaal negen races.

De Vanwall lijkt in niets op de huidige Formule 1-auto's. (Foto: Vanwall)

Continuation-modellen zijn verdienmodel

De drijvende kracht achter het project is Iain Sanderson, een voormalig powerboatracer en tegenwoordig directeur van de Vanwall Group. Wat hem betreft is de naam Vanwall te belangrijk om te laten verstoffen. Daarnaast windt hij er geen doekjes om: het bedrijf springt in op de stijgende vraag naar nieuw gebouwde exemplaren van klassieke auto's.

Eerder kwam Aston Martin al met continuation-modellen van de DB4 GT, de DB4 Zagato en de DB5 James Bond-auto, terwijl Jaguar in 2018 een serie van 25 exemplaren van de D-Type uit 1955 aankondigde. Drie jaar eerder zagen zes stuks van de Lightweight E-Type uit 1963 het daglicht.

Kijk ook op AutoWeek.nl