De Franse regering heeft bij monde van minister van Financiën Bruno Le Maire maandag gezegd dat autoconcerns PSA en Groupe Renault op staatssteun kunnen rekenen mits zij daar iets tegenover stellen, zoals het overhevelen van productie vanuit het buitenland naar Frankrijk.

Le Maire zal deze week met vertegenwoordigers van PSA, het moederbedrijf van onder meer Citroën en Peugeot, en Groupe Renault om de tafel gaan voor een herstelplan. Daar wordt op z'n vroegst in augustus duidelijkheid over verwacht.

Wel is duidelijk dat Le Maire de miljardensteun niet zonder voorwaarden zal verstrekken. "We staan klaar om jullie te helpen, om aanschafsubsidies in te voeren en om de concurrentiepositie van jullie Franse productielocaties te verbeteren. In ruil daarvoor willen we horen wat jullie plannen voor een terugkeer zijn. Alleen op die manier bouwen we een sterkere Franse auto-industrie".

Lastige legpuzzel

Dat zal nog niet eenvoudig worden, aangezien zowel PSA als Groupe Renault autofabrieken en assemblagecentra over de hele wereld hebben. Daarbij zijn de fabrieken voor auto-onderdelen niet meegerekend.

PSA heeft in Europa autofabrieken in Hongarije, Spanje, Polen, Portugal en Slovenië. Door de overname van Opel zijn daar locaties in Duitsland en het Verenigd Koninkrijk bij gekomen. Daarnaast komen er in Oostenrijk onderdelen van de band.

Groupe Renault heeft autofabrieken in Portugal, Spanje, Slovenië en Turkije. Via dochterondernemingen Dacia en Lada wordt er ook in Roemenië en Rusland geproduceerd.

PSA zit bovendien midden in een fusie met Fiat Chrysler Automobiles, waardoor het op dit moment waarschijnlijk lastig te bepalen is of er productie naar Frankrijk verplaatst kan worden.