De prijzen van motorbrandstoffen aan de pomp zijn in maart met gemiddeld 6,1 procent gedaald ten opzichte februari. Dat is de sterkste daling sinds 2008. Dit meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dinsdag op basis van data van Travelcard Nederland.

Brandstofprijzen daalden in maart door een combinatie van een flinke daling in de olieprijzen en een daling van de vraag naar benzine. De olieprijs daalde door een grote afname van de vraag en een conflict over de productie van 60 dollar (55,45 euro) voor een vat Brentolie in februari naar 37,5 dollar in maart. De vraag naar benzine nam af, omdat Nederlanders door de coronacrisis vaker thuisblijven en dus de weg niet op hoeven.

Het CBS ziet de brandstofprijzen verder dalen in april. De dagprijs van benzine daalde na 31 maart nog met 2 procent naar 1,47 euro per liter op 20 april. Het prijsniveau van nu is nog wel hoger dan in 2008. Toen kostte 1 liter benzine op de goedkoopste dag 1,15 euro.

Het prijsniveau van 2008 zal hoogstwaarschijnlijk niet meer worden bereikt. Belastingen en accijns vormden namelijk al voor ruim twee derde van de prijs in maart. De rest van de benzineprijs bestaat uit productiekosten en marges voor oliebedrijven en tankstationexploitanten.