De afgelopen jaren zijn er, zeker in de Randstad, steeds meer lightrailverbindingen gekomen. Denk aan de RandstadRail tussen Den Haag en Rotterdam of de recent geopende Hoekselijn richting Hoek van Holland en de Uithoflijn in Utrecht. Heeft deze vorm van openbaar vervoer de toekomst? NU.nl praat erover met Niels van Oort, ov-expert van het Smart Public Transport Lab van de TU Delft.

Hoewel niet alle projecten even soepel tot stand kwamen en elders zelfs naar de prullenbak verwezen werden - in Zuid-Holland sneuvelde de RijnGouwelijn en in Groningen ging er een streep door het RegioTram-project - blijft de aandacht voor en interesse in lightrail onverminderd groot.

"Lightrail staat inderdaad weer prominent op de agenda en deze vorm van openbaar vervoer is zeker kansrijk, mits projecten goed ontworpen worden. Lightrail moet geen doel op zich zijn, maar als onderdeel van een breed scala aan mobiliteitsoplossingen gezien worden", zegt ov-expert Van Oort. Hij bestudeerde de afgelopen jaren tientallen lightrailprojecten van over de hele wereld.

Lightrail kan volgens Van Oort bijdragen aan onder meer effectieve mobiliteit, lokale economische ontwikkeling en een beter milieu. Deze vorm van openbaar vervoer zal niet iedereen uit de auto lokken, maar met een hoogwaardige lightrailverbinding kan er in ieder geval een beweging in die richting op gang komen.

Recentelijk werd de Uithoflijn in Utrecht in gebruik genomen.

'Snellere trein betekent niet automatisch kortere reistijd'

Lightrail als een vorm van openbaar vervoer zit precies tussen trein, tram en metro in. Afhankelijk van de situatie biedt lightrail de voordelen van in ieder geval twee van de drie. Volgens Van Oort is de RandstadRail het perfecte voorbeeld van lightrail, aangezien die de regio met de stad verbindt.

"Tussen de steden is het een snelle verbinding, waarna de lijn zich in de stad met het overige verkeer mengt en op andere verbindingen aansluit. Het hybride karakter van de lightrail is de grote kracht. Het brengt mensen verder de stad in dan het centraal station."

Wat Van Oort betreft is lightrail dan ook niet beter of slechter dan de trein. Het is simpelweg een ander soort verbinding. "De trein is handig bij langere afstanden tussen hoofdstations, maar het feit dat een trein sneller rijdt, betekent niet altijd een kortere totale reistijd."

Een trein rijdt sneller, maar dat maakt voor de reistijd soms niets uit. (Foto: Pro Shots)

'Gemeentes moeten slim bouwen met oog op lightrail'

Lightrail is echter geen garantie voor succes. Sterker nog: de recent opgeleverde projecten hadden stuk voor stuk te maken met serieuze aanloopproblemen. Toch zijn er wat Van Oort betreft een aantal voorwaarden te noemen waaraan een hoogwaardige lightrailverbinding moet voldoen.

Aan de vervoerskundige kant is dat allereerst een hoge frequentie van ritten, zodat je niet of nauwelijks hoeft te wachten. Daarnaast moet de lijn snel en betrouwbaar zijn. Goede haltes en moderne voertuigen helpen eveneens.

Daarnaast moet er oog zijn voor de verbinding tussen wonen en werken. "Een lightrailtraject kent doorgaans minder haltes, waardoor gemeentes slim moeten bouwen zodat mensen goed en gemakkelijk bij die haltes kunnen komen", zegt Van Oort.

Wat hem betreft moet er dan ook integraal naar het openbaar vervoer gekeken worden. Het gaat niet alleen over het vervoer zelf, maar ook over ruimtelijke planning en het vervoer van en naar de stations.

Er moet goed nagedacht worden over de locaties van stations. (Foto: Uithoflijn.nl)

'Flink gat in de planning'

Tot zover lijkt er voor lightrail in Nederland een mooie toekomst weggelegd. Aan aandacht is er in ieder geval geen tekort.

Inmiddels liggen er plannen op tafel voor een lightrailverbinding naar Scheveningen, het doortrekken van de Noord/Zuidlijn naar Schiphol en een netwerk in de regio Eindhoven. Toch zullen we geduld moeten opbrengen als het over dergelijke nieuwe verbindingen gaat.

"Er zijn weliswaar veel ideeën, maar de projecten zijn er nog niet. Er zit in die zin een gat in de planning. Aangezien lightrail technisch gezien nog best ingewikkeld is, duurt de aanleg ervan relatief lang. De komende tien jaar hoeven we nergens op te rekenen."