De Europese Commissie moet binnen een jaar opnieuw vaststellen hoeveel stikstofdioxide nieuwe dieselauto's mogen uitstoten. Brussel was niet bevoegd toen het de normen voor praktijktesten in 2016 versoepelde, oordeelt het Gerecht van de Europese Unie in zaken die de steden Brussel, Parijs en Madrid hadden aangespannen.

Het dagelijks EU-bestuur bepaalde na het het schandaal met sjoemelsoftware dat de normen niet alleen in het laboratorium, maar ook bij tests op de weg moeten worden gehaald. Gedurende een overgangsperiode mocht de uitstoot vanwege "statistische en technische onzekerheden" echter ongeveer een factor 2 hoger zijn.

De drie steden tekenden mede vanwege de funeste gevolgen van stikstof (de benaming die vaak wordt gebruikt voor stikstofdioxiden en ammoniak) voor de gezondheid bezwaar aan en krijgen daarin nu gelijk. De Europese Commissie kan nog in beroep gaan.

"Dit is een belangrijke overwinning voor steden die hun inwoners schone lucht willen bieden", reageert Gerben-Jan Gerbrandy (D66), die in de speciale 'dieselgatecommissie' van het Europees Parlement zat. "Autofabrikanten toestaan om dieselauto's meer dan dubbel zo vervuilend te maken, is onwettig."

Zijn collega Bas Eickhout: "Deze uitspraak stopt de toestemming voor Europese automakers om te mogen blijven vervuilen. Dit is winst voor alle Europeanen die te kampen hebben met gezondheidsproblemen door slechte luchtkwaliteit."

"Ik vraag aan de Europese Commissie om het besluit in te trekken en om ervoor te zorgen dat de auto-industrie zich eindelijk gaat houden aan de uitstootlimieten die we al elf jaar geleden hebben afgesproken."