Het Centraal Planbureau (CPB) heeft in een nieuw advies gezegd dat het goed zou zijn om de aanschafbelasting op veiligere auto's te verlagen. Minder veilige auto's zouden juist zwaarder belast moeten worden bij de aanschaf.

De maatregelen leveren niet alleen geld op, maar zouden er ook voor zorgen dat het aantal verkeersslachtoffers afneemt, meldt het bureau vrijdag.

In 2016 kwamen ruim 600 personen om in het verkeer en raakten meer dan 21.000 mensen ernstig gewond. Dat kost de maatschappij jaarlijks 14 miljard euro.

"Bij het terugbrengen van de CO2-uitstoot, wat we al fiscaal stimuleren via de aanschafbelasting, zie je dat de maatschappelijke kosten dalen. Dat moet ook kunnen op het gebied van voertuigveiligheid", zegt onderzoeker Joep Tijm van het CPB tegen het AD.

Het hoeft de Nederlandse overheid geen geld te kosten om deze maatregel in te voeren, heeft het CPB berekend. Juist door met verschillende tarieven te werken, zou deze maatregel 'budgetneutraal' blijven.

Verschillen qua veiligheid auto's onderling groot

Hoewel auto's over het algemeen steeds veiliger worden, zijn de verschillen onderling groot.

Sommige verzekeraars hebben nu al een financiële prikkel voor veilig rijden door klanten die bepaalde veiligheidssystemen in de auto hebben, een lager tarief te laten betalen voor hun verzekeringen.

De RAI Vereniging steunt de oproep van het Centraal Planbureau. ''Om de potentie van moderne veiligheidssystemen maximaal te benutten, moet de aanschaf van een nieuwe moderne auto aantrekkelijker worden gemaakt'', zegt voorzitter Van Eijck van de vereniging.

Dat kan volgens de RAI Vereniging bijvoorbeeld door de BPM op een nieuwe auto met een vast bedrag per veiligheidsvoorziening te verlagen.