Ford Motor heeft de winst in het derde kwartaal van dit jaar met ruim een derde zien dalen, vooral door stijgende kosten van terugroepacties en oplopende verliezen in Europa.

Toch daalde de winst minder hard dan verwacht, dankzij een aanhoudende groei in China. Daar verkoopt Ford inmiddels meer auto's dan concurrent Toyota.

Ford boekte een nettowinst in het derde kwartaal van 835 miljoen dollar (658 miljoen euro), vergeleken met 1,3 miljard dollar in dezelfde periode een jaar eerder, maakte het bedrijf vrijdag bekend. De omzet zakte met 3,2 procent tot 32,8 miljard dollar.

Het concern waarschuwde eind vorige maand dat de winstverwachting voor heel 2014 niet waargemaakt kon worden. Het bedrijf rekent nu op een winst voor belastingen van 6 miljard dollar. Eerder werd nog gemikt op 7 à 8 miljard dollar.

De malaise op de Russische automarkt is een van de pijnpunten voor Ford in Europa. Rusland zal de negatieve gevolgen van de dalende roebel, de afnemende vraag naar auto's en de effecten van de westerse sancties pas in 2016 te boven zijn, schat Ford in. Ook de Zuid-Amerikaanse markt ontwikkelt zich een stuk slechter dan voorzien.

Fords winst staat ook onder druk door productievertragingen van de F-150, 's werelds best verkopende pick-uptruck. De twee fabrieken waar deze trucks worden gebouwd gaan dit jaar 13 weken dicht om ze klaar te maken voor de productie van het nieuwe model F-150. Dat gaat ten koste van de productie van zo'n 90.000 trucks. De nieuwe pick-ups worden bijna volledig van aluminium vervaardigd, waardoor ze een stuk lichter (318 kilogram) en zuiniger zijn vergeleken met het huidige model.