BRUSSEL - De autoverkoop in West-Europa heeft in maart een flinke dip beleefd. Vergeleken met een jaar geleden daalde de afzet met 7,4 procent tot 1,55 miljoen stuks. In het eerste kwartaal kwam de verkoop daardoor 4 procent lager uit, zo blijkt uit dinsdag verspreide cijfers van de brancheorganisatie ACEA.

De terugval heeft te maken met de paasvakantie die het aantal gewerkte dagen drukte, maar ook met de onzekere economische situatie.

Slechts drie landen haalden in maart zwarte cijfers, te weten Groot-Brittannië (3,8 procent), België (5,8 procent) en Denemarken (9,5 procent). Elders ging het bergafwaarts, het sterkst in Italië (18,4 procent) en Nederland (16,7 procent). Over het eerste kwartaal genomen daalde de verkoop in Nederland met 4,9 procent. De verkoop was in Italië (minus 13 procent) het meest in mineur.

Prijsgeven

De toonaangevende autoconcerns moesten alle terrein prijsgeven, behalve DaimlerChrysler (plus 1,6 procent) en BMW (plus 16,5 procent). Het VW-concern (Volkswagen, Audi, Seat, Skoda) verkoopt nog steeds het best, maar zag in maart het marktaandeel wel zakken van 18,4 tot 17,4 procent.

De PSA-groep (Peugeot en Citroën) deed het eigenlijk niet slecht met een dipje van 0,5 procent, maar een stijging van zijn marktaandeel van 13,9 tot 15,1 procent. De verkoop over het eerste kwartaal kwam bij de PSA-groep 4,3 procent hoger uit, terwijl VW 9,5 procent minder afzette.