AMSTERDAM - China heeft besloten de steun aan buitenlandse investeerders in de auto-industrie in te trekken, om zo de merken uit eigen land de helpende hand te bieden.

De groei op de Chinese automarkt zakte dit jaar fors in en de regering wil de eigen industrie beschermen.

Persbureau Xinhua meldt dat China “de steun zal intrekken” aan buitenlandse partijen die investeren in productiefaciliteiten in China.

Wat de maatregelen precies inhouden is niet bekend, maar de afgelopen jaren waren er voor buitenlandse partijen bijvoorbeeld gunstige invoertarieven voor productieonderdelen, dat komt naar verwachting te vervallen.

Duurder

Dit maakt het voor buitenlandse autofabrikanten duurder en moeilijker om nieuwe fabrieken op Chinese bodem op te zetten en ook samenwerkingen met lokale autofabrikanten wordt lastiger.

Dit gebeurde de laatste jaren in toenemende mate, onder andere General Motors, Toyota en Volkswagen hebben faciliteiten en samenwerkingsverbanden in China. Hoewel de Chinese automarkt over de eerste elf maanden van dit jaar nog steeds met 5,3 procent groeide, is het verschil met voorgaande jaren groot.

Groei

Vorig jaar namelijk werd een groei behaald van maar liefst 32 procent, en ook in vergelijking met de jaren ervoor is de groei in 2011 relatief mager. Om de autofabrikanten in eigen land te beschermen sluit China nu dus de grenzen.

Wel blijven initiatieven met betrekking tot alternatieve, schone aandrijflijnen welkom, zowel van eigen bodem als uit het buitenland. De steeds verdergaande industrialisering van China zorgt voor behoorlijk veel vervuiling, dus een groener wagenpark zou daar welkom zijn.