Bij ons werd de Fiat Uno in 1995 vervangen door de eerste Punto. In (onder meer) Brazilië is de markante hatchback echter pas net uit productie, en staat een compleet nieuwe generatie klaar onder de naam Nova Uno. En het mooie is: wij hebben er al mee kunnen rijden.

In Brazilië staat de Uno als budgethatchback in de prijslijsten. In het Zuid-Amerikaanse land neemt-ie het in de verkoopranglijsten op tegen auto’s als de Volkswagen Gol (ja, zonder f) en de Renault Sandero, die daar dus niet als Dacia wordt verkocht.

De Uno staat op hetzelfde platform als de Panda en 500, maar z’n carrosserie is beduidend langer, breder en hoger.

De ruimte aan boord kan zich dan ook meten met die in een Sandero; achter het stuur is er om te beginnen voldoende plaats, al zijn de achterbank en kofferruimte niet overdreven ruim. Voldoende, dat wel.

Vormgeving

De Uno is opvallend leuk vormgegeven vanbinnen. Het dashboard doet denken aan dat van de Punto Evo, terwijl het instrumentarium met één grote teller meer weg heeft van de 500. De materialen zijn simpelweg hard, maar het doet allemaal niet armoedig aan.

Belangrijk is ook dat Fiat kopers de mogelijkheid geeft om het interieur (net als de buitenkant trouwens) op veel vlakken aan te passen op de persoonlijke wensen. Zo kunnen de Brazilianen kiezen voor verschillende kleuren aan boord, en ook stickers en logootjes behoren tot de mogelijkheden. Bovendien is er een ’opgeruigde’ versie met de naam Uno Way (zie foto 4). Geinig!

Motorkeuzes

In Brazilië is de Uno leverbaar met twee motorkeuzes; de lichtste is een 1,0-liter FIRE-viercilinder met 73 pk (twee pk extra wanneer er ethanol in de tank zit). Zoals veel auto’s in Brazilië loopt de Uno ook op een mengsel van ethanol en benzine.

De tweede motor, een 1,4-liter vierpitter met 85 pk (88 op ethanol) is geen uitzondering. Dat is de motor die wij aan de tand hebben gevoeld; een verrassend soepel blokje die de Uno redelijk rap op stoom weet te krijgen.

Schokkend is het allemaal niet, en op technisch gebied verricht de FIRE-machine - buiten de ethanolmogelijkheid - ook geen wonderen. Directe inspuiting, variabele kleppentiming, turbo? Vergeet het maar. Maar goed, die zaken vind je bij Dacia evenmin.

Helder en soepel

Het valt op dat de Uno zich lekker helder laat bedienen. De besturing is duidelijk, de vijfbak schakelt licht en vloeiend, de remmen grijpen evenwichtig aan en zijn mooi te doseren. Het onderstel is bovendien goed in het opvangen van slecht wegdek; de veren absorberen de klappen effectief en zorgen ervoor dat je lekker soepel onderweg bent met de nieuwe Fiat.

In bochten betaal je daarvoor de rekening doordat de auto vrij veel gaat hellen, maar storend wordt dat niet. Bovendien, als je het succes van de Dacia Sandero in ons land ziet, zal dat menig koper worst zijn. Dit zou ook in Nederland helemaal niet misstaan!

Kans

Juist daarom verwachten wij dat de Uno een kans heeft op de Nederlandse markt. Mits Fiat hem voor een duizendje of zeven in de prijslijsten kan zetten. Dan heb je een prima, markant vormgegeven concurrent voor de Sandero.

Vooralsnog ontkent de vaderlandse importeur aan alle kanten dat de Uno groen licht zou krijgen, maar onlogisch zou z’n komst niet zijn. Zeker gezien het feit dat-ie vanaf begin volgend jaar van de band rolt in de Fiat-fabriek in het Servische Kragujevac.