Een speekseltest wordt een officieel opsporingsmiddel om drugsgebruik in het verkeer terug te dringen. De overheid gaat nu onderzoeken of er limieten moeten komen of dat er een zero-tolerence beleid komt.

Een speekseltest is een geschikt middel om mensen die onder de invloed van drugs een auto besturen, op te sporen. Dat meldt minister Eurling aan de Tweede Kamer naar aanleiding van een proef van enkele maanden. Volgens de politie blijkt de test in praktijk een nuttig opsporingsmiddel. Eurlings wil nu de Verkeerswet zodanig wijzigen dat een speekseltest een officieel opsporingsmiddel wordt. De test zal evenwel alleen worden gebruikt als voorselectiemiddel, voor het daadwerkelijke juridische bewijs voor drugsgebruik is nog altijd een bloedproef nodig.

Omdat niet alle drugs in speeksel te detecteren zijn, denk aan GHB, zal tevens een verplichting om mee te werken aan coördinatietesten in de wet worden vastgelegd. Eurlings verwacht halverwege volgend jaar met een wetsvoorstel te komen. Voor die tijd gaat hij uitzoeken of er net als bij alcohol (0,2 en 0,5 promille) limieten moeten komen voor het drugsgebruik, of dat er een zero-tolerance beleid komt waarbij elk gebruik voor bestuurders strafbaar wordt.