General Motors, de Ford Motor Company en Chrysler LLC hebben de Amerikaanse overheid om 25 miljard dollar gevraagd, om de drie giganten voor de ondergang te behoeden. Maar of de fabrikanten de financiële steun ook krijgen is de vraag, want het optreden van de drie CEO´s van de merken werd met grote scepsis door de senatoren ontvangen.

Rick Wagoner van GM, Alan Mullaly van Ford Motor Company en Robert Nardelli, CEO van Chrysler, zaten met z´n drieën op een rij in de Senaat. Wagoner benadrukte dat het ten ondergaan van de Amerikaanse auto-industrie catastrofale gevolgen zal hebben en voorspelt dat in het eerste jaar 3 miljoen banen verloren gaan. De senatoren hebben de verhalen van de drie met scepsis aangehoord. Onder hen bevinden zich diversen die vinden dat de Amerikaanse fabrikanten het aan zichzelf te wijten hebben, en dat ze niet tijdig op een veranderende markt hebben ingespeeld. Maar volgens de grote drie is het de financiële crisis die ervoor gezorgd heeft dat ze dringend behoefte hebben aan steun. De drie zeggen dat ze vooruitgang boekten totdat de crisis uitbrak. Zo komt Wagoner met het feit dat GM sinds 2005 de kosten met 9 miljard dollar heeft teruggedrongen. Door de economische situatie is het consumentenvertrouwen teruggelopen en daalde de autoverkopen naar het laagste niveau in 25 jaar. Van de 25 miljard dollar, heeft GM 10 tot 12 miljard nodig, Chrysler en Ford vragen elk om 7 miljard dollar. GM zegt met het geld de onderdelenleveranciers te betalen, een deel ervan wordt in het Chevrolet Volt-programma gestoken.