Vanaf 2011 is het voor nieuwe personenauto’s in de Europese Unie verplicht dagrijverlichting aan boord te hebben. Zo moeten jaarlijks duizenden mensenlevens worden gespaard.

Vanaf februari 2011 moeten alle nieuwe automodellen in de Europese Unie zijn voorzien van dagrijverlichting. De regel geldt niet voor modellen die al langer op de markt zijn; alleen auto’s die vanaf dan worden geïntroduceerd, moeten aan de regel voldoen. Ook gebruikte auto’s vallen niet onder die regelgeving. De EU in Brussel wil door deze maatregel het aantal verkeersdoden in de lidstaten met drie tot vijf procent omlaag brengen. In de praktijk gaat dat om ‘enkele duizenden’ mensenlevens.

De dagrijverlichting gaat aan als de motor wordt gestart. Wanneer de normale verlichting wordt ingeschakeld, gaat de dagrijverlichting weer uit. In bijvoorbeeld tunnels, blijft het verplicht normale verlichting te voeren. Dan volstaat de dagrijverlichting dus niet. Voor vrachtauto’s geldt de dagrijverlichtings-regel vanaf augustus 2012.

De nieuwe verlichting kost tussen een derde en een kwart van de energie die normale verlichting kost. De toegenomen uitstoot van CO2 die de dagrijverlichting veroorzaakt, heeft de EU er graag voor over om de duizenden verkeersdoden te sparen.