Industriegiganten als General Motors en Ford kunnen flink wat hebben, maar ook hun incasseringsvermogen heeft zo z’n grenzen. De financiële crisis in de Verenigde Staten heeft de drie plaatselijke automobielconcerns zodoende in zwaar weer gebracht. Ford, General Motors en Chrysler zijn inmiddels de schaamte voorbij en kloppen gezamenlijk aan bij de Amerikaanse overheid.

Dat meldt Automotive News. De drie concerns zijn druk aan het lobbyen om in totaal 50 miljard dollar van de Amerikaanse regering te lenen. Er zit weinig anders op, nu de mogelijkheden om op andere manieren geld binnen te halen uitgeput zijn. Zo kan Chrysler Jeep niet verkopen, omdat de terreinautofabrikant te veel verweven is met het moederbedrijf. Wel kan het merk de Viper-fabriek verkopen, maar dat zet niet erg veel zoden aan de dijk. General Motors heeft de grootste moeite om Hummer te lozen.

Het gehoopte overheidskrediet moet de periode tot 2010 overbruggen. Tot die tijd zitten de concerns nog opgescheept met een relatief verouderd, onzuinig modellenpalet. Daarna komen ze met zuiniger auto’s: Chevrolet krijgt de Volt en Ford introduceert op grote schaal de direct ingespoten turbomotor. Wanneer het Amerikaanse Congres een eventueel besluit over een lening neemt, is nog niet bekend. Een ingreep is niet geheel ondenkbaar: dit weekend nam de overheid twee grote hypotheekverstrekkers over om de kredietcrisis te bezweren.