De Amerikanen weet niet wat ze overkomt. Sinds vorige week heeft de benzineprijs de vier dollar per gallon geraakt. Ford ziet de noodzaak om snel actie te ondernemen. Fabrieken waar nu grote pick-ups en SUV’s worden gebouwd, worden geschikt gemaakt voor de productie van kleinere modellen.

De nood is hoog onder de Amerikaanse autofabrikanten. Het gaat al niet zo best bij hun, maar door de stijgende brandstofprijzen keren steeds meer Amerikanen hun SUV’s en pickups de rug toe. Ze kopen kleinere en zuinigere modellen. En dat terwijl die grote slurpers vroeger de winstpakkers waren voor de Amerikaanse merken.

Detroit News meldt dat een delegatie van fabrieksdirecteuren en vakbondsleiders bij Ford in Dearborn zijn ontboden. Daar vertelde de Alan Mulally, de allerhoogste baas bij Ford, dat fabrieken zullen worden omgebouwd om kleinere modellen te produceren. Eerder kondigde GM aan SUV-fabrieken dicht te gooien.

Mulally wil onder meer Europese modellen produceren in Amerika. Het is door de hoge dollarkoers namelijk niet interessant die direct uit Europa te halen. Het meest concrete plan is er voor de Avon Lake fabriek in Ohio. Daar wordt de productie van de oude E-serie bestelauto binnenkort vervangen door die van ‘onze’ Transit. De volledige plannen worden over een paar maanden bekendgemaakt.

Voor het ombouwprogramma moet het zwaar verliesgevende Ford miljarden dollars investeren. Het plan krijgt dus niet bij alle aandeelhouders de handen op elkaar. Maar Mulally heeft alle bezwaren van tafel geveegd. “Als Ford wil overleven, moeten we snel veranderen,” vindt hij.