De Volkswagen Passat CC is wel wat meer dan een verbouwde Passat. Slechts 55 procent van de CC-onderdelen zijn gelijk aan die van de Passat. Hij is flink langer maar ook breder en lager.

Om de Passat CC hangt een zweem van sportiviteit; dat komt door zijn brede en lage verschijning. Maar een sportauto is het absoluut niet. Het is een onvervalste comfort coupé. Achterin is voldoende beenruimte, maar de hoofdruimte houdt niet over. Maar wat wil je in een coupé?

Het spreekt voor zich dat het rijden in de Passat CC voor negentig procent gelijk is aan de rijbeleving in de normale Passat. Tenzij je de 300 pk sterke 3,6-liter V6 neemt. Die motor hebben we in de normale Passat namelijk nog niet meegemaakt. De R36, die ‘m heeft, is weliswaar veelvuldig aangekondigd, maar we wachten er nog steeds op.

De dikke V6 is natuurlijk niet het speerpunt. VW denkt de meeste Passat CC’s te kunnen slijten met een 140 of 170 pk 2,0-liter TDI. Verder heeft de Passat CC extra goodies: er is Front Assist dat helpt om de auto in noodsituaties stil te zetten en Lane Assist stuurt zelf bij als de auto over een doorgetrokken streep gaat.

 

De volledige rij-impressie met de Volkswagen Passat CC staat in AutoWeek 17, die op 23 april in de winkels ligt.