ATHENE - Het verspringen is haar lievelingsonderdeel. Karin Ruckstuhl had zich zaterdag veel voorgesteld van de tweede dag van de olympische zevenkamp. Het Nederlands record lonkte en de start met verspringen kon niet beter. Het avontuur van de Blaricumse debutante eindigde echter in een slechte soap.

Op haar favoriete onderdeel bleef ze ruim een halve meter onder haar kunnen en weg was een topklassering bij de eerste acht. Ze eindigde als zestiende met 6108 punten.

Ruckstuhl baalde 's avonds na het laatste onderdeel - de 800 meter - nog steeds van de start op zaterdagmorgen. Verspringen ligt haar, ze werd er dit seizoen ook weer Nederlands kampioene op. Met een sprong van 6,50 meter in het achterhoofd wist ze dat het Nederlandse record van Marjon Wijnsma uit 1988 (6213 punten) de boeken zou uitgaan. Ruckstuhl begon voorzichtig met een sprong van ,90 meter en paste vervolgens haar aanloop aan. Beide overige pogingen waren direct ongeldig. Weg mooie score, weg derde plaats en weg enthousiasme.

Speerwerpen

Met haar slechtste onderdeel - het speerwerpen - voor de boeg had ze moeite zich weer op te laden. "Die derde plaats in het tussenklassement na vier onderdelen was wat geflatteerd", gaf ze zelf toe. "Maar ik ging wel uit van een klassering bij de eerste acht. Dat moest kunnen met een goede sprong. Ik heb er erg van gebaald", zei ze zaterdagavond na de uitputtingsslag in de hitte.

Uiteindelijk bleven haar eigen persoonlijk record (6206) en het Nederlands record ver buiten bereik. "Met een sprong van 6,50 had ik zo'n 150 punten meer gehad. Dan was alles goed geweest." Nu resteerde de zestiende plaats. "Na het speerwerpen stond ik nog e. Dat was helemaal dramatisch geweest. Ik was na de eerste dag nog zo blij. Vandaag ging het helemaal niet goed." Ze had de teleurstelling snel verwerkt. Toen olympisch kampioene Carolina Kluft een ererondje maakte, liep Ruckstuhl al weer vrolijk mee. "Ik was echt blij dat het erop zat."

Simon Vroemen maakte indruk in zijn serie op de 3000 m steeple. Met de Keniaan Brimin Kipruto en de Spanjaard Luis Miguel Martin nam de Nederlander in de slotfase afstand van de rest van het deelnemersveld. Een plaats bij de eerste drie betekende dinsdag de finale lopen. "Ik hoefde niet meer te rekenen aan het slot. Dit tempo voelde geweldig aan", zei de Nederlandse kampioen, die vlak voor de Olympische Spelen nog een waarschuwing kreeg voor het overtreden van het dopingreglement bij de FBK Games. Zijn 8.15,28 was Vroemens beste tijd dit seizoen.

"Dit was voor mij een ideale race. Op een WK of Olympische Spelen zijn er maar weinig atleten die 8.15 in de benen hebben. Met die wetenschap sta ik in de finale aan het vertrek." Vroemen gaf de Keniaan vlak voor de streep een hand, bedankte hem voor het goede werk en stapte zelfverzekerd de baan af. De Delftenaar liep wel een fikse wond aan zijn linker scheenbeen op. Het bloed droop eraf. "Ik ben alleen maar bang of er misgaat met de kuit of een achillespees. Een scheenbeen voel je niet. Zeker niet in een finale."