SALT LAKE CITY - Regerend wereldkampioen kunstrijden Jevgeni Ploesjenko weet nu wat de Canadees Kurt Browning al in 1992 en 1994 doormaakte: je kan geen olympisch goud winnen in de verplichte kür, maar je kan het wél verliezen. Favoriet Ploesjenko ging in het Salt Lake Ice Center jammerlijk onderuit. De Rus besloot de eerste dag als vierde.

Zijn landgenoot Alexei Jagoedin schaatste briljant en leidt, gevolgd door de Japanner Takeshi Honda en de Amerikaan Timothy Goebel. Voor de 19-jarige Ploesjenko is het onmogelijk om donderdag in de finale (de vrije kür) op eigen kracht het goud te veroveren.

Het is of de duivel ermee speelt. Sinds de Spelen van 1988 wist de wereldkampioen nimmer ook de olympische titel op zijn naam te schrijven. Jagoedin beheerste de kunstrijdwereld tussen 1998 en , maar eindigde vier jaar terug in Nagano als vijfde. Browning eiste begin jaren negentig viermaal de wereldtitel voor zich op, maar bij de Spelen ging het ook voor hem mis.

Jagoedin, die in de Verenigde Staten traint, lijkt ditmaal revanche te nemen. Op de eerste dag, waar de deelnemers acht verplichte elementen moeten laten zien, was hij in bloedvorm.

Zijn combinatie viervoudige toeloop/drievoudige toeloop, zijn drievoudige Axel en de Lutz waren perfect. De 15.600 toeschouwers waren op de hand van de 21-jarige Jagoedin. Ploesjenko, die het EK in januari miste vanwege een liesblessure, kreeg heel wat minder applaus.