In de periode van 2016 tot en met 2020 waren 2 op de 100 duizend Amsterdammers slachtoffer van moord of doodslag, zo blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) die vandaag zijn gepubliceerd. Dit is bijna drie keer hoger dan het landelijk gemiddelde van 0,7 per 100 duizend inwoners. In Rotterdam en Den Haag waren dit 1,7 slachtoffers en 1,6 slachtoffers per 100 duizend inwoners.

Het totaal aantal slachtoffers van moord en doodslag is in de stad het afgelopen jaar met vijf slachtoffers gedaald. In 2020 stierven er twaalf mensen hierdoor. Een jaar eerder, in 2019, waren dat er zeventien. Deze daling past ook in de landelijke cijfers. In totaal waren 121 mensen slachtoffer, dat zijn er 4 minder dan het jaar ervoor. 

Samen met Rotterdam en Den Haag telt Amsterdam het meeste aantal moorden, de drie grote steden nemen een kwart van de moorden voor hun rekening. Ondanks de daling van het totaal aantal slachtoffers in het land was er wel een stijging onder jonge slachtoffers. Het aantal jongeren tot 20 jaar dat om het leven kwam nam toe van 10 in 2019 naar 18 in 2020.