De gemeente Amsterdam presenteert donderdag de begroting voor 2021. De coronacrisis slaat grote gaten in de stadsfinanciën. Ondanks de diepe crisis wil het stadsbestuur op bepaalde vlakken toch fors investeren. Om dat mogelijk te maken, worden de reserves flink aangesproken, wordt er bezuinigd op de eigen organisatie en worden ook de lasten voor de Amsterdammer verzwaard.

Om de eerste klappen van de coronacrisis op te vangen, moest de gemeente dit jaar diep in de buidel tasten. Hiervoor werd de algemene reserve van ruim 260 miljoen euro ingezet, waardoor de teller van dat reservepotje bijna op 0 uitkomt.

Die reserve moet de komende jaren weer worden aangevuld. In welk tempo dit kan, laat zich door de grilligheid van de crisis lastig voorspellen. Het effect van de crisis is nog wel een paar jaar te voelen, zo verwacht verantwoordelijk wethouder Victor Everhardt (Financiën). Pas in 2024 laat de Amsterdamse begroting naar verwachting weer een structureel positief saldo zien.

Dalende inkomsten door een forse terugloop van de toeristenbelasting, parkeerinkomsten en dividend van bijvoorbeeld Schiphol en de RAI, waar Amsterdam aandeelhouder van is, leiden ertoe dat er flink bespaard moet worden op de eigen organisatie. Ook wordt commercieel vastgoed verkocht om de pijn te verzachten.

Pijnlijke bezuinigingen

De bezuinigingen op de eigen organisatie lopen de komende jaren op tot zo'n 35 miljoen euro. Om de reserves aan te vullen, doet het stadsbestuur ook een flinke greep in de opbrengsten uit de afkoopregeling voor erfpacht. Dat moet de komende jaren 500 miljoen euro opleveren.

Ook wordt er gesneden in het aanvullend openbaar vervoer voor ouderen en de noodopvang voor dakloze gezinnen. Pijnlijke keuzes voor dit stadsbestuur, maar ondanks deze bezuiniging blijft de gemeente naar eigen zeggen relatief veel gezinnen opvangen.

De Amsterdammer betaalt (ook) voor de crisis

Maar de Amsterdammer zelf moet ook een bijdrage leveren. Zo wordt de onroerendezaakbelasting met 20 procent verhoogd, wordt in De Pijp en het Museumkwartier betaald parkeren op zondag ingevoerd en wordt betaald parkeren in Geuzenveld uitgebreid. Een tweede parkeervergunning wordt ook duurder en de afvalstoffenheffing gaat omhoog.

Deze lastenverzwaring voor Amsterdammers is goed uit te leggen, meent wethouder Everhardt. "Dat doet pijn, maar is mijns inziens verdedigbaar als je kijkt naar het totaalpakket en onze investeringsplannen."

787 miljoen aan investeringen

Die plannen behelzen een pakket van 787 miljoen euro aan nieuwe investeringsvoorstellen. Zo gaat er 78 miljoen naar zogenaamde "banenmotoren" die tot en met 2025 3.800 duurzame banen op moeten leveren. Ook gaat er extra geld naar ontwikkelbuurten, bruggen en kades en vergroening van de openbare ruimte.

Om de sociale problemen van de crisis aan te pakken, wordt er de komende jaren 40 miljoen uitgetrokken voor onder meer schuldhulpverlening en armoedebeleid. Ondernemers in de stad kunnen een lastenverlichting van 14 miljoen tegemoet zien: zo worden de reclamebelasting en de precario voor terrassen opnieuw opgeschort. Voor veiligheid is de komende vier jaar 20 miljoen extra gereserveerd, en voor meer handhaving 24 miljoen.

Overige opvallende investeringen zijn onder meer een bijdrage van 15 miljoen voor een nieuw aquarium in ARTIS, de renovatie van het Amsterdam Museum (56 miljoen) en het 750-jarig bestaan van Amsterdam (12 miljoen over vier jaar). Theater Carré krijgt 3 miljoen euro om de gevolgen van de coronacrisis op te vangen.