Premier Mark Rutte heeft zondagochtend een krans gelegd bij het Spiegelmonument in Amsterdam tijdens Nationale Holocaust Herdenking. Hij bood excuses aan voor de houding van de toenmalige Nederlandse regering ten aanzien van de Jodenvervolging.

"Nu de laatste overlevenden nog onder ons zijn, bied ik vandaag namens de regering excuses aan voor het overheidshandelen van toen", zei Rutte tijdens de plechtigheid in het Wertheimpark. "Dat doe ik in het besef dat geen woord zoiets groots en gruwelijks als de Holocaust kan omvatten."

"Toen het gezag een bedreiging werd, zijn onze overheidsinstanties tekortgeschoten, als hoeders van recht en veiligheid. Zeker, ook binnen de overheid was er individueel verzet, maar te veel Nederlandse functionarissen voerden uit wat de bezetter van hen vroeg. Anderen verdroegen het grote kwaad in de hoop nog iets goeds te kunnen doen - wat soms lukte, maar veel vaker niet. En de bittere consequenties van registratie en deportatie werden niet tijdig en niet voldoende onderkend."

Naast de premier sprak ook burgemeester Femke Halsema tijdens de plechtigheid. Jacques Grishaver, voorzitter van het Nederlands Auschwitz Comité, en Eva Weyl, overlevende van de vernietigingskampen, kwamen eveneens aan het woord.

75 jaar sinds bevrijding Auschwitz

De herdenking, die wordt georganiseerd door het Auschwitz Comité, vindt jaarlijks plaats op de laatste zondag van januari. Dit jaar is het 75 jaar geleden dat Auschwitz werd bevrijd.

De bevrijdingsdatum van de beruchte verzameling concentratiekampen in het door Duitsland bezette Polen, 27 januari 1945, werd in 2005 uitgeroepen tot Holocaust Memorial Day door de toenmalige VN-secretaris-generaal Kofi Annan.

PVV-leider Geert Wilders stelde in 2012 dat het tijd was dat de Nederlandse regering excuses maakte voor de houding tijdens de Holocaust. Destijds zag het kabinet daar geen reden toe. Het kabinet-Kok bood in 2000 wel verontschuldigingen aan voor de "kille ontvangst" die veel overlevenden na de oorlog ten deel viel na hun terugkeer in Nederland.