De Amsterdamse waarnemend hoofdofficier van justitie John Lucas biedt in het eindejaarsgesprek met AT5 zijn excuses aan voor de fouten die zijn gemaakt rondom de begeleiding van Philip O., die is veroordeeld voor het doodsteken van een willekeurige passagier in de Amsterdamse metro.

"Ik heb het inspectierapport gelezen en ik vind wel dat wij nog veel dingen te verbeteren hebben. En voor de zaken die niet goed zijn gegaan, wil ik in ieder geval als mens sorry zeggen", aldus Lucas in het eindejaarsgesprek.

Het Openbaar Ministerie (OM) reageert daarmee voor het eerst op het kritische rapport van de Inspectie Justitie & Veiligheid dat in november van dit jaar verscheen. "Ik zit regelmatig in metro 53 en en ik denk er iedere keer aan. Dit kan zomaar een willekeurig iemand overkomen. En dat is afschuwelijk", vertelt Lucas.

Op 27 juli 2017 ontstond grote paniek in metro 53 toen een passagier werd doodgestoken. Het ging om de 38-jarige Joost Wolters, die op weg was naar zijn vriendin en pasgeboren kind. O. was op dat moment op proefverlof van de gesloten afdeling psychiatrie van het AMC.

In het kritische rapport van de inspectie wordt een beeld geschetst van overheidsdiensten en hulpverleners die langs elkaar heen werkten, waardoor een gebrek aan regie ontstond. Bovendien is op cruciale momenten niet ingegrepen, terwijl dat wel had gekund en gemoeten.

De hoofdofficier van justitie vertelt in gesprek te zijn met de nabestaanden van het slachtoffer. "Ik weet niet of we overal een antwoord op hebben, maar ik ga wel als hoofdofficier van dit parket heel kritisch kijken wat wij anders hadden kunnen doen en waar we van kunnen leren."

Lucas: Af en toe worden fouten gemaakt

'Er is heel veel misgegaan in de samenwerking tussen de organisaties", vervolgt Lucas. "Dat erken ik ook en lees ik ook in het rapport van de Inspectie. Wat betreft slachtofferzorg doen wij het niet altijd goed. Daarin hebben wij nog veel dingen te verbeteren. Wij zullen moeten zorgen dat datgene wat juridisch relevant is, vertaald wordt naar slachtoffers, zodat we kunnen uitleggen waarom we dingen doen."

"En tegelijkertijd: we zullen ook altijd fouten blijven maken. In een organisatie die onder druk staat, waar heel hard gewerkt wordt, zullen af en toe fouten worden gemaakt. En dan moeten we soms ook eerlijk erkennen als we fouten maken", besluit de hoofdofficier.