Het Openbaar Ministerie heeft een celstraf van twaalf jaar geëist tegen een vijfentwintigjarige man die ervan verdacht wordt op 30 augustus vorig jaar een man te hebben doodgestoken in een woning in Amsterdam-Oost.

Het slachtoffer, een 44-jarige man, werd op 1 september vorig jaar aangetroffen in zijn eigen woning. Hij was dertig keer met een mes gestoken en kwam door bloedverlies om het leven.

Vingerafdrukken leidden uiteindelijk naar de verdachte. De man werkte als schilder in de woning van het slachtoffer. De verdachte en het slachtoffer zouden ruzie hebben gehad over de kwaliteit van het schilderwerk. Ook zou het slachtoffer schulden hebben gehad bij de schilder.

De verdachte vluchtte op 30 augustus naar Frankrijk, waar hij op 13 november vorig jaar werd aangehouden. Enkele weken later, op 4 december, werd hij overgeleverd aan Nederland.

Omdat er geen voorbedachten rade in het spel zou zijn, wordt de man vervolgd voor poging tot doodslag en niet moord.

De rechtbank doet over twee weken uitspraak.