Het Openbaar Ministerie (OM) heeft maandag tbs met dwangverpleging geëist tegen de 46-jarige waterpijpverkoper Taha E. voor het neersteken van zijn twee buurmannen op de Amsterdamse Albert Cuypmarkt in maart 2019. De officier van justitie vindt dat er sprake is van poging tot doodslag.

De slachtoffers, een Joodse marktkoopman en diens zoon, moesten met spoed naar het ziekenhuis worden gebracht.

Tijdens een eerdere pro-formazitting werd niet duidelijk welk motief E. had voor de steekpartij. Volgens de advocaat van de uit Egypte afkomstige verdachte leed hij aan psychoses.

Maandag bleek dat ook de psycholance, een ambulance met personeel dat opgeleid is om goed om te kunnen gaan met mensen met psychische problematiek, in de week voor de steekpartij naar de Albert Cuypmarkt was gekomen voor de waterpijpverkoper.

Over de toedracht van de steekpartij is ook maandag niet meer duidelijk geworden. E. zegt zelf dat hij zich niets meer kan herinneren, maar daar zet het OM vraagtekens bij. Uit verschillende verklaringen blijkt namelijk dat de verdachte zich wel bepaalde aspecten herinnert.

De officier van justitie zegt dat deskundigen hebben geconcludeerd dat E. inderdaad in een psychose verkeerde, maar "ook binnen een black-out of psychose betekent dit niet dat verdachte geen enkel besef had van zijn daad".