Twaalf Nederlandse gemeenten starten voor de zomer met een pilot om betere hulp te bieden aan dak- en thuisloze jongeren. De ambitie is volgens staatssecretaris Blokhuis dat voor het eind van 2021 geen enkele jongere uit deze groep langdurig in de opvang of op straat verblijft.

Aan de pilot doen de vier grootste gemeenten - Amsterdam, Utrecht, Rotterdam en Den Haag - , mee. Ook doen Almere, Alkmaar, Arnhem, Dordrecht, Enschede, Leiden, Haarlem en Purmerend mee aan de proef.

Volgens Blokhuis gaat het om een "flinke ambitie", "namelijk 100 procent". "Dat betekent een flinke omslag in de hulpverlening, meer aandacht voor preventie, de behoeften van jongeren centraal stellen en beter samenwerken met alle betrokken organisaties."

Gedurende de proef krijgen de gemeenten ondersteuning vanuit VWS. Ook gaat de staatssecretaris in gesprek met de deelnemende gemeenten en wil de Rijksoverheid bij hen langsgaan om ervaringen te delen.