Een basisschool in Amsterdam-Slotervaart is een pilot gestart waarbij gevluchte leraren uit Turkije en Syrië meedraaien in de klas. Een stage en een stoomcursus Nederlands moet ze in drie maanden klaarstomen voor een baan in het onderwijs.

Havana Saadi gaf wiskunde op een middelbare school in Syrië en wil ook in Nederland het onderwijs weer in. Ze is een van de tien statushouders met een onderwijsachtergrond die klaar worden gestoomd voor een baan in het onderwijs. Ze loopt stage op de Louis Bouwmeesterschool in Slotervaart, onderdeel van de Stichting Westelijk Tuinsteden, die meedoet aan dit project.

Dat Saadi nu met basisschoolkinderen werkt, vindt ze geen probleem. "Het lager niveau vind ik voor mij heel nuttig. Want ik wil graag ook mijn taal verbeteren, mijn Nederlandse taal."

"Ze zijn heel enthousiast", zegt Ingeborg van der Meulen, directeur van de Louis Bouwmeesterschool. Ze is blij met de statushouders. "De ene kant is een mogelijk stukje invulling van het lerarentekort zoals we dat ook in Amsterdam helaas kennen. En de andere kant is het benutten van de kennis, het menselijk kapitaal van deze mensen."

Sommige stagelopers zijn al gediplomeerd basisschoolleraar

Een aantal van de stagelopers heeft ervaring in het middelbaar onderwijs, drie van hen zijn zelfs al gediplomeerd basisschoolleraar, vertelt Vivianne Spruit van Het Schoolbureau, de initiatiefnemer en ontwikkelaar van het project voor zij-instromers. "Hun lesbevoegdheid is internationaal gewaardeerd, dus eigenlijk kunnen die direct beginnen. Maar wij denken dat we eerst een heel aantal taaltrainingen verder moeten zijn voordat dat kan."

De pilot duurt in totaal drie maanden, dan zijn ze nog steeds geen volwaardig docent. "Maar de bedoeling is wel dat ze binnen een van onze scholen het tweejarig traject ingaan zoals dat eigenlijk voor elke zijinstromer geldt", zegt schooldirecteur Van der Meulen.

Saadi ziet na twee weken op de Louis Bouwmeesterschool weinig verschil tussen Syrische en Amsterdamse kinderen. "Nee. Kinderen zijn kinderen."