De aanpak die moet voorkomen dat Amsterdamse agenten mensen oppakken of aan de kant zetten, alleen op basis van hun etniciteit, wordt verder aangescherpt. De Amsterdamse driehoek, bestaande uit de burgemeester, het Openbaar Ministerie (OM) en de politie, heeft dat besloten.

Dat besluit kwam na de publicatie van een onderzoek naar de politieaanpak van etnisch profileren. In dat onderzoek, uitgevoerd door Bureau Beke, wordt geconcludeerd dat de politie op de goede weg is. Maar het bestaande beleid "onvoldoende is ingevoerd om ook effectief te kunnen zijn".

De aanpak zou te vrijblijvend zijn, er is te weinig aandacht voor leiderschap en burgers worden niet geraadpleegd om te kijken of de aanpak ook echt werkt, zo concluderen de onderzoekers.

De driehoek zegt de aanbevelingen van de onderzoekers over te nemen. Zo komt er meer aandacht voor de rol van leiders binnen de aanpak. Er wordt een nulmeting gedaan onder burgers om zo later te kunnen oordelen of zij een vermindering ervaren in het etnisch profileren door agenten.

'Monitoring staandehoudingen moet verbeterd'

De monitoring van staandehoudingen moet verbeterd worden, bijvoorbeeld door de inzet van mystery guests en door het doen van steekproeven. Ook moet de politie blijven investeren in kennis en daarmee bewustwording bij agenten over etnisch profileren.

De politie gaat aan de slag met een nieuw plan van aanpak. Ook worden er afspraken gemaakt over de evaluatie van die aanpak.

Etnisch profileren door agenten al langer ter discussie

Het etnisch profileren door agenten in de stad zorgt al lange tijd voor discussie. Zo wilde de gemeenteraad eerder dat de politie met stopfomulieren zou gaan werken. Op die formulieren moesten agenten aangeven waarom zij iemand aan de kant hadden gezet. Maar dat initiatief sneuvelde.

Eind vorig jaar kwam er opnieuw politieke en maatschappelijke aandacht voor het onderwerp. In de documentaire Verdacht vertellen meerdere mensen over hoe zij aangehouden werden alleen op basis van hun huidskleur.