Amsterdam wil meedoen aan een proef met gereguleerde wietteelt, maar dan moeten de regels voor die proef wel worden aangepast. Dit schrijft burgemeester Halsema in een brief aan ministers Grapperhaus (Justitie) en Bruins (Zorg).

Amsterdam wil graag deelnemen aan een proef waarbij coffeeshops op legale wijze aan hun wiet en hasj komen, maar onder de huidige voorwaarden deelnemen is voor Amsterdam 'praktisch niet uitvoerbaar en risicovol voor de openbare orde', schrijft de burgemeester.

De stad vreest dat er in de proef te weinig soorten wiet en hasj aangeboden zullen worden. Volgens de gemeente zal dat juist handel op straat in de hand werken, omdat daar wél meer soorten te koop zullen zijn.

Daarnaast mag de stad alleen meedoen als alle coffeeshops deelnemen. "Die moeten dan in één klap hun illegale leveranciers afstoten. Het is niet denkbeeldig dat er op dat moment problemen met 'de achterdeur' zullen ontstaan."

Aanpassingen of overgangsperiode

Halsema schrijft dat de voorwaarden moeten worden aangepast zodra Amsterdam mee wil doen. Zo zou er de mogelijkheid moeten zijn om niet alle, maar slechts een deel van de coffeeshops in de stad deel te laten nemen.

Als de ministers toch vinden dat toch alle shops verplicht mee moeten doen, dan hoopt de stad op een 'overgangsperiode' waarin zowel het huidige aanbod als gereguleerde cannabis verkocht mogen worden. 

Vrees voor illegale aanbieders

Tot slot stelt Amsterdam dat het gereguleerde aanbod sowieso gevarieerd moet zijn met 'een keuzemogelijkheid die aansluit bij de behoefte van de klanten van de verschillende coffeeshops'.

Is dit niet het geval, vreest de stad dat illegale aanbieders in het ontstane gat zullen springen. "Het nu voorgestelde gereguleerde aanbod van twintig tot dertig soorten wiet en (Nederlandse) hasj is onvoldoende gelet op het huidige aanbod van enkele honderden varianten (qua smaak en beleving)", aldus Halsema.