Van Eesterenmuseum krijgt paviljoen aan Sloterplas

Wandelen langs het water bij je huis en genieten van de natuur midden in de stad: het was ooit één van de ideeën van stedenbouwkundige Cornelis van Eesteren. Hij ontwierp onder andere het gebied rond de Sloterplas en nu, ongeveer zeventig jaar later, worden ook zijn plannen voor een paviljoen werkelijkheid.

"Het idee was dat hier de halve Amsterdamse bevolking hier zou komen flaneren", vertelt landschapsarchitect Pieter Boekschooten. "En precies daar komt nu het Van Eesterenmuseum."

In 1929 werd Cornelis van Eesteren hoofd van de dienst stadsontwikkeling. Hij schreef een uitbreidingsplan voor de stad. De plannen waren toen ultramodern en  in rap tempo werden nieuwe woningen uit de grond gestampt.

De plannen van toen zijn nog steeds tekenend voor de wijken van nu, bijvoorbeeld in Slotermeer. "Je kijkt hier tegen allemaal hele hoge flatgebouwen, die zijn natuurlijk om woning getallen weg te zetten, maar ook om de prachtige uitzichten te creëren. Als je achter de bosjes woont, zie je niks. Maar hier kan je dus helemaal over de plas uitkijken", legt Boekschooten uit.

Kinderwagennorm

"Het credo is licht, lucht en ruimte en dat moest je in alles terugvinden", vertelt Anouk de Wit, directeur van het Van Eesterenmuseum. "In de jaren vijftig was er ook zoiets als een kinderwagennorm. Binnen vierhonderd meter moest je eigenlijk met een kind in de openbare ruimte op een plek zijn waar je iets gezonds kon doen." 

Naast de Sloterplas startte de bouw van de tweede vestiging van het Van Eesterenmuseum, waarin alle wijken van de tuinsteden zullen worden belicht. "Dus in Osdorp, Slotervaart, Geuzenveld, Overtoomseveld, maar ook in Buitenveldert en Watergraafsmeer. Hier hebben we een huis waar je iets kan leren over de stedenbouw, de architectuur, maar ook het meubelinterieur van de jaren vijftig en zestig."

Het nieuwe paviljoen van het Van Eesterenmuseum opent zijn deuren komende herfst.

Tip de redactie