Bespuging, bedreiging en zelfs fysiek geweld. Dat was van volgens Ossama Abu Amar, medewerker van stichting Veilige Haven, het lot van vier homoseksuele vluchtelingen in de noodopvang in Amsterdam-Zuidoost.

De stichting die multiculturele LHBT-ers (Lesbisch, Homo-, Bi-, en Transgender) ondersteunt, vindt het goed dat de vier nu ergens anders worden ondergebracht.

In de opvang blijft het onveilig voor hen: "Een jongen zelfs door de gang gesleurd om in elkaar te worden geslagen. Hij heeft het op een schreeuwen gezet, toen kwamen anderen hem helpen", zegt Abu Amar.

De beslissing van Amsterdam om homoseksuele bewoners apart onder te brengen, leidde tot een golf van kritiek vanuit politiek Den Haag. Vooral omdat men vindt, dat juist de schuldigen bestraft moeten worden en niet de slachtoffers door ze uit de groep te halen.

Homo's bedreigd in noodopvang Zuidoost
Homo's bedreigd in noodopvang Zuidoost

Wrang

Maar dat laatste is volgens Abu Amar juist niet goed voor de slachtoffers: "Als iemand zich onveilig voelt en zichzelf opsluit om de confrontatie te vermijden, dan lijkt me dat niet de bedoeling."

Wrang genoeg zijn de homo's zelf niet alleen slachtoffer, maar werd een transgender weer door deze groep lastiggevallen. "Een van homo's wilde niet samen wonen met een transseksueel, die kregen ruzie. Het zijn dus niet alleen homofoben", aldus Abu Amar. Deze transgender zit nu alleen in een hotelkamer.

Stichting Veilige Haven dringt er bij alle slachtoffers op aan om aangifte te doen.