De tweejarige proefperiode van de nieuwe methode van armoedebestrijding in Alphen aan den Rijn, kost anderhalve ton. 

Eind 2017 start Alphen aan den Rijn met de nieuwe manier van armoedebestrijding.

Tijdens de proefperiode van twee jaar wordt een 'verdienmodel' toegepast om mensen met veel problemen op de rit te krijgen. Hiervoor is een bedrag van 150.000 euro nodig.

Al eerder is gemeld dat de gemeente Alphen aan den Rijn als eerste Europese gemeente een pilot Mobility Mentoring opzet. Voor deze pilot is 150.000 euro nodig. Hiervan gaat 60.000 euro naar de opleiding van begeleiders van de gemeente. De rest, 90.000 euro, is bestemd voor de kosten van het project.

Stress

Mensen die werkeloos zijn of in de schuldhulpsanering zitten en meer problemen hebben, zijn vaak niet in staat om zelfstandig uit de armoede te komen. Een grote factor daarbij is chronische stress, waardoor mensen geen of verkeerde besluiten nemen. Een beloning doorbreekt dit proces, blijkt uit een Amerikaans onderzoek van EMpath uit Boston.

Tijdens de Alphense pilot wordt een beloning gegeven als een afspraak of taak goed wordt uitgevoerd. Het gaat daarbij om doelen die gerealiseerd moeten worden om de problematiek van de inwoner op te lossen, zoals het doen van de administratie of doelgericht solliciteren. De kern van het systeem is dat de beloning verdiend wordt met het halen van een duidelijk omschreven doel.

Pilot

Naar verwachting is het project goed zowel voor de 180 deelnemende inwoners als voor de gemeente. De inwoner gaat doelgericht handelen en werkt zichzelf uit de problemen. Op termijn moet het hele begeleidingstraject daardoor efficiënter worden en daarmee goedkoper.

Als de pilot slaagt, is het de bedoeling dat het beloningssysteem permanent wordt opgenomen in de Alphense dienstverlening.

Samenwerking

Alphen aan den Rijn werkt voor de pilot Mobility Mentoring samen met Hogeschool Utrecht en Platform31. Als de twee jaar durende Alphense pilot slaagt, zullen meer gemeenten met het systeem van 'verdienen van een beloning' gaan werken.

Op donderdag 31 augustus spreken de politieke fracties over de deelname aan het project en de kosten hiervan.