ENSCHEDE - Alle kinderen in de vier grote steden die extra taalondersteuning nodig hebben krijgen dat binnen twee jaar.

Die ambitie uitte staatssecretaris van Onderwijs Sharon Dijksma (PvdA) maandag in Enschede tijdens de presentatie van een onderwijsplan tegen schooluitval. Ook minister van Onderwijs Ronald Plasterk (PvdA) was hierbij aanwezig.

Lat

Het huidige streven is dat in heel Nederland zeventig procent van de kinderen die extra taalontwikkeling nodig hebben, dat binnen twee jaar krijgt. Dijksma heeft de lat in de vier grote steden nu op honderd procent gelegd.

Volgens de staatssecretaris is de hulp in Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Den Haag het hardst nodig en is een taalachterstand iets dat in de hele schoolcarrière doorwerkt.

Aantrekkelijker

Plasterk benadrukte opnieuw dat hij de komende jaren gaat werken aan het terugdringen van de schooluitval, voornamelijk in het mbo. Ook wil hij de positie van de leraar versterken en wil hij docenten die meer bestuurlijke taken vervullen dan collega's daarvoor belonen. Zo moet het vak aantrekkelijker worden gemaakt.

Dijksma zei dat ze graag meer ondersteunende functies in het onderwijs ziet, zoals conciërges.

Aandacht

Voor de universiteiten pleit de minister voor meer aandacht voor de studenten. In het verleden heeft het wetenschappelijk onderwijs volgens de bewindsman te veel gedaan wat het bedrijfsleven wilde, en is het tijd om individueel talent van studenten te stimuleren.

Verder moet de internationale wetenschap in Nederland worden ontwikkeld om een 'braindrain' van wetenschappers naar het buitenland te voorkomen.