DEN HAAG - In 2005 zijn bijna 595.000 kinderen opgegroeid in achterstandswijken in Nederland. Dat is een toename van circa 20.000 kinderen in vergelijking met het jaar daarvoor. In 2004 woonden 574.575 kinderen in achterstandswijken.

Dat blijkt uit het onderzoek Kinderen in Tel van het Verwey Jonker Instituut, Stichting Kinderpostzegels, Jantje Beton, Unicef en Defence for Children, dat zaterdag gepresenteerd is. Volgens de onderzoekers wordt de kloof tussen kinderen langzaam maar zeker steeds groter. Die scheiding is niet alleen te vinden tussen bepaalde wijken in steden, maar ook tussen een aantal plattelandsgemeenten is dit waar te nemen.

Rotterdam

In totaal woont 17 procent van de kinderen in een achterstandswijk. In grote steden zoals Rotterdam en Amsterdam ligt dat percentage op 60. Ook in de noordelijke provincies zijn achterstandswijken. De onderzoekers bestempelen Pekela, Reiderland en Bolsward tot "één grote achterstandswijk".

Net als vorig jaar staat de gemeente Rotterdam op de eerste plaats in de ranglijst van de minst scorende gemeenten. Het Gelderse Rozendaal is de gemeente waar je als jongere de beste kansen hebt.

Rangorde

De rangorde van de Nederlandse gemeenten en provincies wordt jaarlijks uitgebracht. Op die manier maakt het project zichtbaar waar de omstandigheden verbeteren of verslechteren.

Uit het laatste onderzoekt blijkt dat het aantal tienermoeders behoorlijk is gedaald, er iets meer speelruimte is en er iets minder kinderen in instituten leven. Daar tegenover staat dat er meer werkloze jongeren zijn, het relatief schoolverzuim is gestegen net als de jeugdcriminaliteit in voornamelijk de grote steden.