Zwaarlijvigheid komt niet door jeugd

LONDEN - De meeste te dikke volwassenen waren als kind helemaal niet zwaarlijvig. Dat blijkt uit een Brits onderzoek dat al in 1947 is gestart. Daarin zijn 412 mensen gevolgd vanaf hun geboorte. Wel blijkt dat zwaarlijvige tieners meer kans lopen om later dik te worden. De resultaten zijn gepubliceerd in het British Medical Journal.

De onderzoekers van de Universiteit van Newcastle begonnen in met het wegen en meten van de lengte. Dat werd herhaald toen de mensen 9, 13 en 50 jaar waren. Een andere conclusie is dat heel magere kinderen die later dik worden een grotere kans lopen op ernstige gezondheidsproblemen, zo meldde vrijdag de Britse omroep BBC.

Zwaarlijvigheid wordt in meer landen steeds meer een probleem. De Nederlandse minister Borst van Volksgezondheid sprak in oktober zelfs van epidemische vormen. In Groot-Brittannië is meer dan de helft van de volwassenen te zwaar en een op de vijf is officieel vetzuchtig.

Verrassend

Een van de opstellers van het rapport, kindergezondheidsdeskundige Charlotte Wright, zei dat nu blijkt dat het massaal aanpakken van te dikke kinderen niet per definitie leidt tot het voorkomen van zwaarlijvigheid op latere leeftijd.

Voorzitter Ian Campbell van het Britse Nationale Obesitas (vetzucht) Forum sprak van verrassende resultaten. "We wisten wel dat vetzucht onder kinderen steeds meer voorkomt. Maar we dachten eigenlijk steeds dat dikke kinderen ook dikke volwassenen worden. Dit blijkt niet zo te zijn."

Steeds vaker te dik

Uit een onderzoek van het CBS over 2000 blijkt dat in Nederland 48 van de honderd volwassen mannen en veertig van de honderd volwassen vrouwen te dik zijn. Door de jaren heen blijven deze aantallen stijgen. Onder jongeren komt overgewicht minder vaak voor, maar toch is vijftien procent van de 18 tot 24 jarigen te dik.

Overgewicht en ondergewicht worden bepaald door het berekenen van de zogenaamde body mass of Quetelet

Tip de redactie