Europa pakt huiselijk geweld aan

DEN HAAG/STRAATSBURG - Europese landen gaan huiselijk geweld aanpakken. Specialisten uit tientallen landen komen woensdag en donderdag naar Den Haag om de best mogelijke juridische maatregelen te bespreken: een straatverbod, contactverbod of bijvoorbeeld een speciale rechtbank voor huiselijk geweld.

Zulke ogenschijnlijk simpele maatregelen bestaan nog niet in heel Europa. Nederland heeft het idee voor een contactverbod recent voorgelegd aan de Raad van State voor advies. "Mishandeling van partners komt veel vaker voor dan uit officiële cijfers blijkt", zegt Jan Kleijssen, directeur mensenrechten van de Raad van Europa in Straatsburg en mede-organisator van het seminar.

Schokkend

In Nederland wordt het aantal gevallen geschat op een half miljoen per jaar; acht keer meer dan de 57.000 aangiften per jaar. "Schokkend", vindt Kleijssen. "Nooit gedacht dat het zo vaak voorkomt in een modern ontwikkeld land als Nederland."

Een op de vier à vijf mensen heeft wel eens te maken gehad met huiselijk geweld, bleek uit onderzoek in de 46 landen van de Raad van Europa. Behalve grote menselijke ellende veroorzaakt dit forse economische schade. Medische behandeling, andere hulpverlening en verzuim kosten Europa rond de 34 miljard euro per jaar, ofwel 500 euro per inwoner, benadrukt Kleijssen.

Alle reden voor maatregelen dus. De 46 staats- en regeringsleiders van de Raad van Europa besloten daarom in 2005 tot een campagne. Te beginnen met juridische maatregelen, zoals woensdag en donderdag in Den Haag.

Verdonk

Veel aandacht bij de bijeenkomst, waarvoor ook minister Rita Verdonk (Integratie) is uitgenodigd, zal uitgaan naar vertegenwoordigers van Oostenrijk en Spanje. Deze twee landen hebben momenteel de modernste wetgeving tegen huiselijk geweld.

In Oostenrijk kunnen plegers van geweld een huisverbod opgelegd krijgen. Spanje heeft speciale rechtbanken ingesteld. "Die kunnen zowel strafrechtelijk als civielrechtelijk optreden: om de dader te straffen en tegelijk bijvoorbeeld een scheiding uit te spreken", weet Kleijssen. In Spanje sterven jaarlijks zo'n zestig vrouwen na mishandeling door hun man.

Training

Ander onderdeel van de campagne zijn acties om slachtoffers beter te beschermen. Zo zijn landen bezig om meer opvangcentra te openen. Politie en sociale ambtenaren krijgen trainig om gevallen van partnermishandeling te herkennen. "Misverstand is bijvoorbeeld dat huiselijk geweld alleen bij arme mensen voorkomt. In hogere milieus komt het net zo goed voor. Alleen zullen die vrouwen het misschien nog minder snel toegeven, wellicht uit vrees voor hun sociale contacten."

Seminars later in andere landen behandelen andere kanten van de campagne. "Erg noodzakelijk is het ook om betrouwbaarder gegevens te verzamelen", vindt Kleijssen. "Onder allochtonen bijvoorbeeld. Onderzoekster Saniye Tezcan doorbrak in Zaandam een taboe over huiselijk geweld onder allochtonen. Vrouwen durfden het toen wel toe te geven dat ze een probleem hadden."

Posters

De Europese campagne wil ook met posters en advertenties duidelijk maken dat het abnormaal is een vrouw te slaan. "Huiselijk geweld is echt een schending van mensenrechten. Van je recht op integriteit van je lichaam, je recht om niet onmenselijk behandeld te worden en zelfs je recht op leven", verduidelijkt Kleijssen.

In verschillende landen zijn al posters en folders opgehangen met de tekst: "Alles begint met een schreeuw. Laat het nooit eindigen met een grote stilte". De poster toont een verkreukelde foto van een vrouw. "Verkreukeld, maar nog niet verscheurd", legt Kleijssen uit.

Tip de redactie