Nederlanders passen plannen in Uruzgan aan

DEN HAAG - De Nederlandse militairen in Uruzgan hebben hun plannen voor de uitbreiding van hun invloedsfeer in de provincie aangepast. Door een gebrek aan Afghaanse militairen, politieagenten en goede bestuurders, kan de 'inktvlek' van gebieden die door de lokale autoriteiten kunnen worden overgenomen niet zo snel groeien als aanvankelijk gepland.

Minister Henk Kamp (Defensie) heeft tijdens zijn bezoek aan Afghanistan president Karzai op dit probleem aangesproken, liet een woordvoerder van Defensie vrijdag weten. Defensie ontkent dat alle plannen in de ijstkast staan. "Het gaat alleen langzamer dan gepland."

Lente-offensief

De commandant van de troepen in Uruzgan, kolonel Hans van Griensven wil, zich eerst verdiepen in de inlichtingen uit de gebieden rond de drie Nederlandse kampen in de provincie. "We kunnen nu wel de Baluchivallei inrennen, maar dan verzwakken we onze basispositie. Ik wacht liever even af, tot na het traditionele lente-offensief van de Taliban", zei hij tegen de Volkskrant.

De Nederlanders willen door de vallei achter de Baluchipas een weg aanleggen die de provinciehoofdstad Tarin Kowt verbindt met Chora. Vlak voor de pas ligt de vooruitgeschoven post Poentjak en het gebied daarom heen is onder meer door het weglopen van Afghaanse politieagenten, momenteel verre van veilig.

Desondanks zullen de Nederlanders in maart op zoek gaan naar lokale bedrijven die de weg moeten aanleggen. Het zal echter dik zomer zijn voordat zij met de weg de Baluchipas bereiken.

Voorzitter Wim van den Burg van de militaire vakbond AFMP is blij met het besluit het rustiger aan te doen. Hij roept tegelijkertijd op tot een herbezinning. Als het niet lukt Afghanistan veiliger te maken, moeten we ons beraden op onze rol daar, zei hij vrijdag in een reactie op BNR radio.

Tip de redactie