AMSTERDAM - De vreemdelingenkamer van de rechtbank in Amsterdam heeft de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) woensdag op de vingers getikt voor het ongewenst verklaren van een Algerijnse moslim. Daar was geen aanleiding toe, concludeerden de rechters. Toch is de man al enige tijd geleden uitgezet.

De IND baseerde zich in deze zaak met name op een ambtsbericht van de inlichtingendienst AIVD. Die stelde vast dat de Algerijn een gevaar voor de nationale veiligheid vormde. Ten onrechte, meende de vreemdelingenkamer.

Inzage

De rechtbank heeft nu de onderliggende informatie waarop het ambtsbericht van de AIVD gebaseerd is, mogen inzien. "De rechtbank heeft voor het overgrote deel van deze feitelijke vaststellingen, kwalificaties en beschuldigingen evenwel geen concrete onderbouwing aangetroffen", concludeert rechtbankvoorzitter H. Baldinger in het vonnis.

Verwijdering

"De rechtbank deelt dus niet de conclusie van de AIVD dat mijn cliënt een gevaar vormt voor de nationale veiligheid", verduidelijkt de advocaat van de Algerijn, Flip Schüler.

Volgens hem blijkt nu duidelijk dat de IND zich in dit soort kwesties te passief opstelt tegenover de AIVD. Schüler: "Zij nemen niet de verantwoordelijkheid om zelf kritisch naar de AIVD te kijken voor zo'n vergaande beslissing als de verwijdering van de vreemdeling. Nu is na anderhalf jaar gebleken dat dit niet terecht is."