ROTTERDAM - De Italiaanse opsporingsdiensten hebben van twee grote maffia-bazen die al geruime tijd in Nederland verbleven, hun Nederlandse telefoonnummers afgeluisterd. Dat gebeurde zonder toestemming van de Nederlandse autoriteiten.

Volgens de advocate van een van de betrokken vermeende maffialeden, Inez Weski, is dat een schending van de Nederlandse soevereiniteit.

Uitlevering

Weski verdedigt Francesco S., een van de twee vermeende prominente leden van de op dit moment machtigste, zogenoemde N'Drangheta-clan. Hij werd in juni vorig jaar in Amsterdam opgepakt. Vrijdag dient voor de rechtbank in Amsterdam zijn uitleveringszaak.

Italië heeft namelijk om zijn uitlevering gevraagd. Volgens de Italianen hield S. zich al geruime tijd in Nederland schuil en zou hij ook drugstransporten via Nederland hebben geregeld.

Schending

Uit stukken over de Italiaanse procedure tegen S., waarover Weski beschikt, blijkt dat de Italianen zonder toestemming van Nederland zeker drie Nederlandse telefoonnummers afluisterden. De Nederlandse officier van justitie die deze uitleveringszaak behandelt, zei eerder niet op de hoogte te zijn van die Italiaanse opsporingsacties.

De Nederlandse aanklager vindt echter dat een eventuele schending van het soevereiniteitsbeginsel volgens de geldende jurisprudentie geen gevolgen heeft voor het toestaan van de overdracht van S. aan Italië. De advocate uit Rotterdam benadrukt "ook op basis van jurisprudentie" dat de uitlevering daardoor juist niet mag doorgaan.

beginnummer

Ze vindt dat gelet op de Italiaanse taptechniek de schending van de Nederlandse soevereiniteit alleen nog maar groter is. Weski: "De Italianen luisteren namelijk niet alleen op het specifieke nummer af, maar ook op alle telefoonnummers met hetzelfde beginnummer."

Weski heeft minister Ernst Hirsch Ballin van Justitie eerder verzocht om deze kwestie te onderzoeken. Inmiddels heeft de bewindsman haar per brief gemeld dat hij dat niet zal doen.