AMSTERDAM - Rechercheurs van de Criminele Inlichtingen Eenheid (CIE) van de Amsterdamse politie hebben zich in hun gesprekken met vastgoedmagnaat Willem Endstra schuldig gemaakt aan het uitlokken tot moord, althans een poging daartoe. Zij gaven Endstra in overweging mensen in te huren om Willem Holleeder te liquideren.

Dat is volgens Holleeders advocaat Bram Moszkowicz te lezen in de hernieuwde uitwerking van de banden waarop de gesprekken tussen de CIE'ers en Endstra zijn vastgelegd, de zogeheten Endstra-tapes.

De rechter-commissaris heeft de banden opnieuw uitgeluisterd en een aantal passages, die eerder in de verslagen ontbraken, in het geheel opgenomen. De Endstra-tapes vormen de basis van het zeer omvangrijke dossier tegen Holleeder.

Afpersing

In zijn gesprekken met de politie maakt Endstra uitvoerig gewag van onder meer het feit dat Holleeder hem stelselmatig afperst.

Bekend is dat hij op zeker moment heeft geprobeerd een plan te smeden om Holleeder uit te schakelen, met behulp van enkele Hells Angels. Moszkowicz acht het onbestaanbaar dat politieambtenaren suggereren Holleeder met geweld uit de weg te laten ruimen, al merken zij later in het gesprek op dat "dit natuurlijk geen oplossing is''.

Uitschakelen

Volgens Moszkowicz is de politie er van meet af aan op uit geweest Holleeder definitief uit te schakelen. "Het maakt meneer Holleeder angstig'', aldus de raadsman, "en mij ook. Het is gevaarlijk wat hier aan de hand is.''

Holleeder betwijfelt ten zeerste of hij wel een eerlijk proces krijgt. "De politie is niet neutraal in deze zaak, is niet op zoek naar de waarheid'', aldus de advocaat.

OM

Het Openbaar Ministerie meent aan de hand van tal van getuigenverklaringen afdoende bewijs te hebben verzameld voor de stelling dat Willem Holleeder zich heeft schuldig gemaakt aan afpersing van vier vastgoedhandelaren.

Volgens officier van justitie Koos Plooij, die donderdag tijdens een pro-formazitting in het extra beveiligde gerechtsgebouw in Amsterdam-Osdorp de stand van zaken in het onderzoek toelichtte, bevestigen tal van getuigen de inhoud van de gesprekken die Willem Endstra in 2003 daarover in het geheim met de politie heeft gevoerd.

Afpersingsorganisaties

Endstra gaf daarin aan dat niet alleen hij maar ook anderen door Holleeder en zijn handlangers stelselmatig voor miljoenen werden afgeperst. Holleeder opereerde daarbij telkens in wisselende gezelschappen, aldus Plooij. In feite was er sprake van drie verschillende afpersingsorganisaties.

"Het totaalbeeld is bepaald niet dat het bewijs afbrokkelt, zoals de verdediging van Holleeder beweert", aldus Plooij. Daarmee doelde hij op uitlatingen in de media van Holleeders advocaat, Bram Moszkowicz.

Het OM onderzoekt nog wat de relatie is tussen Holleeder en zakenman Jan-Dirk P.. Er loopt een apart onderzoek tegen P., zijn voormalige compagnon David B. en fiscalist Ad van T.. Die zouden een rol hebben gespeeld bij het wegsluizen en witwassen van het geld dat door de afpersingspraktijken is verworven. Volgens C. Raymakers, de raadsman van B., worden tijdens dit vooronderzoek mogelijk nog getuigen gehoord en is het nog maar de vraag of het tot een rechtszaak komt.

Verlenging

Het OM vroeg de rechtbank het voorarrest van vijf verdachten te verlengen en die van Ozan T. op te heffen. Het verdenkt hem van de afpersing van zakenman John Wijsmuller, maar hij heeft daarin geen gewelddadige rol gespeeld.

Officier van justitie Saskia de Vries gaf aan dat het OM Holleeder mogelijk ook nog vervolgt voor de afpersing van zakenman Erik de Vlieger. In deze zaak is onlangs een verdachte tot acht jaar celstraf veroordeeld, hoewel De Vlieger altijd heeft ontkend te zijn afgeperst. De veroordeling kwam tot stand op basis van getuigenverklaringen. Ook in de zaak rond Holleeder ontkennen de slachtoffers.