'Ambassade bood hulp aan Sara en Ammar'

HILVERSUM - De Nederlandse ambassade in Syrië zou de naar dat land ontvoerde kinderen Sara en Ammar hulp hebben geboden om aan hun vader te ontkomen. Dat stelde Ammar (13) zondag in een interview met het Jeugdjournaal.

"Onze moeder kwam in juni hierheen", aldus Ammar. "Ze is toen ook bij de ambassade langs geweest. Toen hebben ze gezegd dat als Sara en Ammar naar Nederland terug willen, zij bij de ambassade langs kunnen komen."

Terugontvoering

Het ministerie van Buitenlandse Zaken ontkent stellig dat de ambassade een dergelijk advies zou hebben gegeven. "Wij werken absoluut niet mee aan het bedenken van strategieën die neerkomen op terugontvoering van kinderen", aldus een woordvoerder. "En zeker niet als het ambassadeterrein daarvoor als toevluchtsoord wordt gebruikt. Dat is onze taak ook helemaal niet. Het is pertinent niet waar dat de ambassade een dergelijk advies heeft gegeven."

Volgens de woordvoerder is de ambassade pas in actie gekomen toen de twee kinderen, nadat ze het huis van hun vader waren ontvlucht, voor de hekken van de Nederlandse vertegenwoordiging stonden. Dat gebeurde na een telefoontje van de moeder van de twee vanuit Nederland.

Sara en Ammar verbleven hierna een half jaar in het ambassadegebouw in Damascus. Afgelopen vrijdag kwamen ze, na intensieve onderhandelingen met de Syrische autoriteiten en de vader van de kinderen, weer terug naar Nederland.

Tip de redactie