Nederlanders in actie bij operatie in Kandahar

DEN HAAG - Nederlandse militairen zijn woensdag voor het eerst in actie gekomen tijdens de grootscheepse operatie Baaz Tsuka in de Zuid-Afghaanse provincie Kandahar. De A-compagnie van 11 Infanteriebataljon Luchtmobiel verrichtte humanitaire ondersteuning aan de gevluchte bevolking.

Dat heeft het ministerie van Defensie in Den Haag donderdag bekendgemaakt. De zogeheten Koningscompagnie was overgevlogen naar het zuidelijke deel van de Panjawayi-vallei. In samenwerking met Afghaanse militairen begonnen zij daar hun humanitaire missie.

Na overleg met de dorpsoudsten deelden de ISAF-militairen dekens, voedsel, gereedschap, schoolmateriaal en schoonmaakmiddelen uit. Ook behandelde Brits, Nederlands en Canadees medisch personeel ongeveer vijftig kinderen, vrouwen en mannen. Volgens Defensie waren de betrokkenen erg dankbaar voor de hulp.

Doden

In de vallei verblijven veel mensen die op de vlucht zijn geslagen uit de regio waar in september de operatie Medusa plaatsvond, elders in Kandahar. Bij dat offensief doodden de coalitietroepen veel Talibanstrijders.

Na die tijd zijn niet alle vluchtelingen teruggekeerd, omdat ze nog steeds geweld vrezen. Bovendien zijn opnieuw Taliban teruggekeerd in het gebied. De ISAF-militairen stimuleren de vluchtelingen alsnog terug te gaan, zodat in dat gebied het normale leven weer kan beginnen. Dat geeft de Taliban ook minder kans zich opnieuw in de gemeenschap te nestelen.

Niet gevochten

De SP en GroenLinks leverden dinsdag nog felle kritiek op minister Henk Kamp van Defensie, omdat hij de militairen buiten de 'Nederlandse' provincie Uruzgan ging inzetten. De Nederlanders leveren luchtsteun aan de operatie en ook de grondtroepen kunnen meevechten als het nodig is. Tot nu toe hebben de Nederlanders echter niet gevochten, aldus Defensie.

De A-compagnie is toegevoegd aan het hoofdkwartier in Kandahar, omdat de Nederlandse generaal Ton van Loon de ISAF-missie in Zuid-Afghanistan aanvoert.

Tip de redactie