UTRECHT - Het Openbaar Ministerie (OM) in Utrecht begint een gerechtelijk vooronderzoek tegen een ambtenaar in de zaak van het trapongeval op 6 augustus in Utrecht. De ambtenaar wordt ervan verdacht dat hij, hoewel hij misschien wist van een mogelijk gevaarlijke situatie rond te trap, niet of onvoldoende heeft ingegrepen om de trap te (laten) herstellen. Dat maakte het OM in Utrecht maandag bekend.

Het trapongeval vond plaats tijdens de afsluiting van de Muzikale Botenparade in de Oude Gracht. Het kostte een 30-jarige Utrechter het leven en bijna twintig personen raakten gewond. Later bleek dat een medewerker van een horeca-onderneming de gemeente had gewaarschuwd voor de slechte conditie waarin de trap volgens hem verkeerde.

De onafhankelijke onderzoekscommissie Schutte kwam echter tot de conclusie dat de oorzaak van het instorten van de werftrap te wijten was aan een constructiefout, gemaakt bij de bouw van de trap in 1986.

Op basis van de uitkomsten van het gerechtelijk vooronderzoek zal de officier van justitie bepalen of nader, eventueel technisch, onderzoek gewenst is en of er strafrechtelijke vervolging zal plaatsvinden en zo ja van wie precies. Het OM tekent verder aan dat er op dit moment geen aanleiding is om de gemeente aan te merken als verdachte.

Gemeente

Een woordvoerder van de gemeente Utrecht zegt niet in te zullen gaan op vragen rond de stap van het Openbaar Ministerie en de resultaten van het onderzoek af te wachten.

Overigens is de gemeente Utrecht maandag begonnen met het versterken van twintig werftrappen van hetzelfde type als de trap die begin augustus instortte. De zogenoemde bordestrappen worden deze week voorzien van tijdelijke ondersteuningen in de vorm van houten of stalen palen. Begin volgend jaar worden de houtverbindingen en de verbindingen met de werfmuren definitief verstevigd.