AMSTERDAM - Het Openbaar Ministerie (OM) in Amsterdam zal Gretta Duisenberg niet vervolgen wegens het aanzetten tot discriminatie of haat tegen joden. Dat blijkt uit een brief van Openbaar Ministerie in Amsterdam aan de Federatie Joods Nederland.

Officier van justitie P. Velleman concludeert in de brief dat de uitspraak van de vrouw van de president van de Europese Centrale Bank Wim Duisenberg, krenkend en kwetsend is, maar dat is niet genoeg om haar wegens antisemitisme te vervolgen, meent justitie.

Volgens het OM heeft Duisenberg zich niet minachtend over joden uitgelaten en ook niet aangezet tot discriminatie of haat. "Wat zij wel heeft gedaan, is bijdragen aan het vergiftigen van de atmosfeer waarin in Nederland het publieke debat moet plaatsvinden."

Federatie Joods Nederland

De Federatie Joods Nederland deed op 3 oktober aangifte tegen Duisenberg. Aanleiding was een radiointerview over een handtekeningenactie tegen de Israëlische bezetting van de Palestijnse gebieden. Toen Gretta Duisenberg de vraag kreeg voorgelegd hoeveel handtekeningen ze dacht op te halen, zei ze "zes miljoen". Deze uitspraak werd gezien als verwijzing naar de holocaust. Gretta Duisenberg zelf zegt dat dat niet zo was.

De uitspraak werd ook bewust gedaan, meent de aanklager. "Mevrouw Duisenberg noemt na enig nadenken een getal in het kader van haar handtekeningenactie", motiveert Velleman. "Het getal is in relatie met Israël zonder twijfel het holocaust-getal. Ze noemt dit getal opzettelijk, want ze noemt het na enig nadenken. Tevens is zij zich kennelijk bewust van de speciale betekenis van dit getal, gezien haar lachje achteraf."

"Het noemen van dit getal is krenkend, omdat dit getal door mevrouw Duisenberg gebruikt wordt in een actie gericht tegen de joodse staat."

Moszkowicz

Advocaat A. Moszkowicz gaat bij het gerechtshof in Amsterdam een klacht indienen tegen de beslissing van het OM om Gretta Duisenberg niet te vervolgen. In een zogenoemde artikel-12-procedure kan het hof justitie alsnog dwingen om iemand te vervolgen. "Ik ben tevreden over de uitgebreide motivering van het Openbaar Ministerie", zei Moszkowicz maandag in een reactie.

"Ik verschil alleen met de officier van justitie van mening of deze zaak vervolgbaar is. Ik meen dat dit wel het geval is."